Hemelvaart is een beetje niks

HemelvaartsdagHet is bijna twintig eeuwen her dat Jezus ten hemel voer nadat hij door de kinderen van God niet heel erg netjes was behandeld. De vader-zoon-relatie staat sindsdien op scherp, en vanuit de hemelen hebben we sinds die eerste Hemelvaartsdag nooit meer iets vernomen.

NRC Q noemde Hemelvaart ‘een beetje niks’. Elke feestdag of vrije periode in ons land heeft wel zijn eigen kenmerken en gedrag, maar bij Hemelvaart is het (nog) niks. Een slaperige dag, zonder braderie en hoempapa, voor de een het begin van een kwartet vrije dagen, voor de mokkende ander een dagje vrij en morgen weer buffelen.

Op zo’n niksdag is een rondje langs de mediavelden altijd een stil genot. Nog even over Kieft en coke, over de kuit van Raffie, de verontwaardiging van Estelle, de adonis van Fleur Agema, de te vroeg dood verklaarde Henny Huisman, en de weer herrezen Waylon. Noem dat alles bijeen maar een beetje niks.

Een beetje niks is het in de Amsterdamse politiek. Daar wil maar geen witte rook uit de Stoperaschoorsteen komen voor een nieuw college. Dit gehannes lijkt inmiddels ook al twintig eeuwen te duren en kent vooralsnog slechts verliezers. En slechts zij die in een vlaag van verstandsverbijstering dachten dat VVD en SP best samen kunnen regeren, lijken nu gelijk te krijgen.

D66-hoofdman Jan Paternotte heeft nog enkele dagen om een coalitie in elkaar te draaien. Daarna wacht hem de ontzegging van de formatiebevoegdheid en sterft de landslide van D66 in Amsterdam in alles behalve schoonheid. Het is dus een beetje niks dag, maar voor sommigen is het nu alles of niks.

Van God los

jesusiswatchingyouErik van Muiswinkel speelde zo mooi God die de mensen kwam smeken of hij ook nog mee mocht doen: ‘Ik heb het wel allemaal bedacht, weet je.‘ Maar God is dood. En inmiddels niet alleen uit Jorwerd maar uit heel oneindig laagland verdwenen. Toch?

Er keken eerder deze week 3,2 miljoen mensen naar The Passion, met Shrek van Gelder als Pontius Pilatus. Gooi het lijdensverhaal in een modern BN’er-jasje, en je hebt een hit in handen. Of gooi er meer Bach tegenaan, kaartjes voor de Mattheus zijn niet aan te slepen. En dan komt de Volkskrant gisteren doodleuk met de special Hoe God blijft (in tijden van krimp).

Ik schrok me dood. Als je sommige politici moet geloven, dan is Nederland moslimland. Nou, niet dus. We hebben hier – 375 jaar na de Spanjaarden – nog 4.044.000 rooms-katholieken, bijna 2,5 maal zoveel als de protestanten tellen. Hoezo God dood? Hoezo ontkerkt? Het mag allemaal wel minder zijn dan een halve eeuw her, maar we zijn – op papier, in ieder geval – nog steeds een godvrezend volkje achter de duinen.

Waar Kerst een mooie mix werd van licht en de geboorte van Jezus, is Pasen een pracht Gesamtkunstwerk van dood, opstanding, lente, eieren, hazen en meubelboulevards. Van God los, dus. Of zoals Joe Jackson ooit zong: ‘I can sell you anything.’ Waarvan akte.

En Jezus? Die moet toch wel geschrokken zijn van de vijandige houding van zijn mensen. Dat het Christendom later toch zo’n succes zou worden, zal hem toch hebben verbaasd. Misschien hebben ze het daar in de hoge vandaag wel over. Of vieren ze daar geen Pasen?

Een Mars voor pijpen

gijsenIk was nog maar net geboren, toen kapelaan Gijsen – de latere bisschop – zich vergreep aan jonge jongens. Over de doden niets dan goeds, maar ik neem toch aan dat Gijsen brandt in de hel, zo zou zijn geloof het graag hebben gezien. Ben benieuwd.

Ik was ook nog maar net geboren toen een Rus als eerste een rondje rond de aarde deed. Na het hondje Laika en enkele chimpansees was Yuri Gagarin nu precies 53 jaar terug de held van de grote Sovjet-Unie. De Amerikanen hadden beteuterd het nakijken.

Inmiddels hebben we de maan gehad en maken we ons op voor Mars. Over enkele jaren gaan de eerste enkeltjes richting de rode planeet en zet de mens de eerste stappen naar kolonisatie van een andere planeet. Ben benieuwd.

Nu we het toch over Mars hebben. Er was – ik was toen al wat langer net geboren – ooit de grap over de hulpkapelaan die de biecht moest afnemen en even niet weet hoe hij moet straffen voor begane zonde. Hij vraagt een misdienaartje: ‘Wat geeft de kapelaan altijd voor pijpen?’ ‘Een Mars’, antwoordt het jongetje.

Het is volbracht

D66 CAMPAGNESTART‘Het is een meisje en we noemen haar Els’. Met die idiote aankondiging introduceerde D’66-CEO Hans van Mierlo in mei 1997 Els Borst als zijn opvolgster als lijsttrekker van de Democraten. Goed om te memoreren dat meisje Els in 1997 al 65 was, een leeftijd waarop je toen nog met pensioen mocht.

Els Borst was geen meisje meer, maar werd een grande dame die in het Paarse tijdgewricht zorgde voor baanbrekende wetgeving. Onzinnig zijn dan ook de commentaren bij haar dood dat Els Borst altijd toch ‘..meer arts dan politica was..’. Ze was arts, werd politica, en omdat ze arts was, wist ze als politica de recepten voor succesvolle wetgeving uit te schrijven. Vakminister. Vakvrouw. Vicepremier. Minister van Staat. Erelid van haar D66.

Nu is meisje Els dood. Politiek overkwam haar dat bijna twee keer eerder. In de nasleep van de Bijmerramp. En met haar uitspraak ‘Het is volbracht’, waarmee zij het christelijke smaldeel in de Tweede Kamer alle voorhanden zijnde gordijnen injoeg. Borst ‘ontheiligde’ de kruiswoorden van Jezus in een interview in NRC vlak nadat haar euthanasiewet was aangenomen. Zij ging door de knieën, maar boog niet.

Het is volbracht. Een bijzondere vrouw is dood. We noemden haar Els. Maar voor mij was zij mevrouw Borst. Want de dokter tutoyeer je niet. Zeker niet als de dokter ook nog eens minister van formaat was die met haar wetgeving eigenlijk veel meer voor D66 heeft betekend dan de inmiddels ten grave gedragen staatkundige hervormingen van de nu toch ook al bijna middelbare krullenbollenclub.

This is the Endt

endt

Eerst was voetbal leuk, toen werd het een spelletje, toen oorlog, en nu is het een bedrijf. En een bedrijf betaalt 100 miljoen euro voor ene Gareth Bale (onthoud die naam..) en dat verdienen ze in Madrid ruim terug met de verkoop van peperdure shirtjes en dekbedovertrekken.

In een bedrijf zet je iemand die een paar keer grabbelt in een grabbelend elftal keihard aan de kant. Want anders kan het bedrijf niet renderen. En dat kost geld. Een bedrijf bouwt zekerheden in, en bevrijdt zich van overbodige ballast. Zoals Ajax deed met David Endt.

Endt was sinds mensenheugenis teammanager en spreekbuis van Ajax. Dat deed hij goed, liefdevol en met passie voor zijn club, het rood-wit, en de jongens die het ver zouden schoppen of diep zouden vallen. Maar een beetje bedrijf kan niks met zo’n Endt. Het is te soft, te vaag, het past niet in Excel, je koopt er geen brood voor en je verkoopt er geen shirtje extra door.

Ajax is zo’n voetbalbedrijf. Beursgenoteerd. Strak in het pak. Met een onwankelbaar geloof in Johan Cruyff, de Steve Jobs van het voetbal. Het roemruchte Ajax overgeleverd aan een ruziemaker en splijtzwam die nog nooit een coherente en begrijpelijke zin over voetbal heeft weten te debiteren. Het orakel van Betondorp. Hij van hullie en zij en geitenkaas.

Voetbal is een bedrijf. Ajax is een bedrijf. Met geloof in een JC, de initialen kunnen geen toeval zijn. En sinds dat geloof er is, wordt er geruimd. De een na de ander mag vertrekken uit en om de ArenA. Zo werkt dat.

En dus was het pats-boem ook exit voor David Endt. Hij mag nu pogen nog iets te halen uit zijn plotselinge vertrek. Aan zijn grote liefde vragen om een afscheidskus. Iets van geld of genoegdoening voor de scheurtjes in zijn hart. Voetbal was best leuk, maar nu verkopen we liever shirtjes. This is the Endt.

Gelukkig niet

Rutte.bier

Lijstjes. Lijstjes. Altijd maar lijstjes. Nu weer het lijstje waarin Nederland hoog scoort als gelukkig land. Volgens de OESO is ons oneindig laagland één van de beste plekken op aarde. Goed dat anderen ons dat vertellen. Wij zelve chagrijnen ons de dag door. Wij gelukkig? Rot op.

Hein de Kort zou Hein de Kort niet zijn als hij het gegeven niet in een prachtprent goot. Mopperende en kankerende mannen in een café: ‘Weer buiten de medailles’. ‘Kutland’. ‘Veel bier.’ Prachtig. Maar gelukkig? Nou, nee. Het zit niet echt in ons. We grommen de week door richting de vrijdag en dan vervelen we ons het hele weekend weer te pletter. And then we do it again.

We hebben het nog nooit zo goed gehad, maar het maakt ons maar niet gelukkig. Dat blijft een rare paradox. Je zou geneigd zijn om te denken dat welvaart en welzijn toch elkaar vrienden zijn. Maar mooi niet. Gelukkig maar dat we een telefoon in handen hebben. Want met een telefoon heb je tenminste vrienden. Maar word je dan ook gelukkig?

Nou, dat dan weer niet. We hebben veel contacten, veel likes, maar het is net als met welvaart en welzijn: het haakt niet erg. Veel meer contact, maar tegelijk veel eenzamer. Het is weer zo’n boeiende paradox. We kunnen niet meer zonder mobiel, maar wat brengt het ons behalve onrust en onvervulde wensen, de zuurstof voor onvrede.

Maar er is best hoop. Las een mooi verhaal deze week over dat de mens best deugt en dat hij daar geen God voor nodig heeft. We zijn ‘van nature’ best sociaal, hoe velen ook hun best doen om dagelijks het tegendeel te bewijzen. We zorgen voor anderen, dat vinden we fijn, kijk maar hoe dol we zijn op onze pasgeborenen. En een mooi zinnetje uit het stuk: de mens is de enige aardsoort die samen op 10 kilometer hoogte in een metalenbuis elkaar doorstaat zonder massale matpartijen. Ik zie het gorilla’s niet doen, nog los van de vraag of ze geschoolde piloten hebben.

Zo modderen we toch maar door. De populariteit van het kabinet is op een dieptepunt. Tsja, iemand moet toch de schuld krijgen van crisis en tegenwind? We willen het gewoon weer zo goed hebben als gisteren, en graag snel een beetje. Het alternatief? Geen idee. Ga ik met Mark met een biertje eens rustig over nadenken.Kutland? Gelukkig niet.

Gilnicht

Gijphomo

René van der Gijp kreeg heel politiek correct Nederland over zich heen – hij zal dit zinnetje waarderen – omdat hij wat domme dingen zei over voetballende homo’s. Tsja. Ik begreep alle opwinding niet zo. Een voetballer die domme dingen zegt. Daar zijn er nogal wat van. Maar waar staat dat we dat serieus moeten nemen?

René van der Gijp is nog nooit serieus genomen – hij zal dit zinnetje waarderen – want al als voetballer gooide hij zijn niet misse talenten te grabbel en haalde hij nooit de echte top die toch zo dichtbij leek.

Meer succes boekt Gijp als boek en als lolbroek. Hij mag met nog wat minderbedeelden regelmatig op tv gierend van de lach om zijn eigen opmerkingen de nog minder bedeelde kijkers de idee geven dat hij leuk is om naar te kijken, deze Pietje Bell van de commerciële voetbalomroep.

Maar René van der Gijp is natuurlijk geen Poetin. Wat een onzin ook binnenkort een programma in EYE naar deze te vroeg uitgebluste en te vroeg gekaalde rechterspits te vernoemen. Nog meer aandacht, nog meer gegier. Negeren lijkt me wijzer. Want het begrip voor homo’s in de voetballerij zal niet toenemen als Van der Gijp wat meer op zijn woorden let.

Het kan hard gaan. Eerst word je geroemd om je prachtige Gijpboek, en nu ben je een vieze voetbalhomofoob. Iets zegt me dat het Van der Gijp aan z’n reet zal roesten, hij zal dit zinnetje waarderen. En ach, wie weet, is onze lachebek gewoon zelf een closetcase, een grote gijpende gilnicht, een kapper in het diepst van zijn gedachten.

Het zijn toch ook altijd de ergst prekende TV-dominees die de tien geboden schenden waar u bij staat. En zeg nu eerlijk: is Gijp op deze foto niet net twee druppels Gordon? Nou dan. RTL7. Meer voor mannen. Ik had het kunnen weten…

Speaking in Tongues

Talking+Heads+live.1

De Heilige Geest vind ik veruit het vaagst van de heilige drie-eenheid. God kan ik wel plaatsen. Dat is de CEO. Onzichtbaar in zijn loft op de 14.296e etage, maar wel alom aanwezig. Zijn zoon werd zelfs vlees en bloed, maar zal daar nog steeds met gemengde gevoelens terugkijken op zijn korte bezoek aan die schepsels van zijn vader.

De Heilige geest verschijnt ook niet, maar wordt uitgestort, ik heb dat altijd een intrigerend begrip gevonden, zeker omdat de discipelen van Jezus erdoor ‘in tongen gingen spreken’ en zo het evangelie in alle talen verkondigden. Zo was de christelijke kerk geboren. Waarachtig een wonder. Goed om daar jaarlijks twee Pinksterdagen voor uit te trekken.

En nu we het toch hebben over Speaking in Tongues. Het is de titel van het vijfde album van The Talking Heads uit New York, een album dat losser en luchtiger klinkt dan briljante voorgangers zoals Fear of Music, en het door mij nog immer bewierrookte Remain in Light, met de hypnotiserende chant Once in a Lifetime.  

Ik heb The Talking Heads één keer live gezien, in de Jaap Edenhal, het zal 1981 zijn geweest, met bijzondere support acts The B-52’s en Pearl Harbor and the Explosions. Het oorspronkelijke kwartet uit New York was voor die tour groots uitgebreid tot een waanzinnig swingbedrijf met inhoud en voorganger David Byrne als de hoeder van de heilige geest van een band op de pieken van creativiteit: You may ask yourself, where does that highway lead to?

Vandaag geen Op een mooie Pinksterdag, geen zon maar regen, geen Leen Jongewaard en André van den Heuvel in de musical Heerlijk duurt het langst, niet meer madeliefjes plukken en eendjes voeren met m’n dochter(s) aan de hand, en nog even geen zorgen over een behanger, een Franse zanger, of iemand uit Den Haag. Handen thuis, en lazer op. Speaking in Tongues papa style…