Ei-ei-situatie

 

Ik ben het wel eens kwijt. In de war. Spoor bijster. Van de leg. U kent het vast. Nou denk ik vaak dat het gewoon aan mij ligt, maar vanochtend had ik plots een dieper inzicht. Dat kwam door een ei-ei-situatie. En dat zat zo.

De firma Chickfriend – jawel – uit – jawel – Barneveld was kippenstallen te lijf gegaan met bloedluisreiniger waar het voor de mens (en kip, neem ik aan) schadelijke fipronil aan was toegevoegd. Wat Chickfriend verkocht als ‘de droom van elke kippenboer’ (ik verzin het niet..), werd een nachtmerrie en landelijk nieuws.

Ook mij werd vriendelijk verzocht eventuele eieren in huis op code te checken. Die code vond ik uiteindelijk op de eieren zelf. Was me nooit opgevallen dat eieren zo’n gestempelde code hebben. Maar goed, in de zoektocht naar die code – gelukkig bleken onze eieren ‘safe’ – stuitte ik op iets wat verdacht veel leek op een samenzwering om mij gek te krijgen.

Op het vrolijkgroene doosje met 6 eieren stond niet alleen dat de kippen het zo goed hadden en lekker buiten konden scharrelen, maar ook informatie over allergie. En de allergie informatie was even simpel als gekmakend: bevat ei. Ik zweer het. Ei bevat ei. Ci c’est un oeuf. Dat u het weet. Dat u niet komt klagen als blijkt dat u met een ei ei binnen hebt gekregen.

Ik ben inmiddels nog aan het bijkomen van deze ei-ei-situatie. Terwijl ik toch ook al decennia het raadsel van de kip en het ei probeer op te lossen. Ook geen eitje, zal ik maar zeggen.

De burger krijgt smaak

15cJe kunt je winkels van het agressieve geel en rood wel omtoveren naar groen, maar de junk food van McDonald’s is gewoon een belediging voor mens en dier. Wie ooit de documentaire Supersize Me zag, weet wat voor vreselijke gevolgen frequent nuttigen van burgers, frites en enorme suikerbekers frisdrank heeft.

Lang leek alle kritiek McDonald’s niet te deren. Klanten zat. Maar nu wordt het toch steeds minder vet om naar die grote M te gaan. De burger krijgt smaak. Steeds meer jongeren lopen McDonald’s voorbij en spenderen hun geld bij smaakvollere, groenere bedrijven die wel iets snappen van de nieuwe tijd, veranderde wensen, en de behoefte aan (h)eerlijk en eten.

En als je hamburgerkoning van de wereld wilt zijn, dan helpt het toch echt niet als je in een onderzoek van Consumer Reports Magazine als minst lekkere van twintig hamburgerketens werd beoordeeld. De uitspraak van de jury: niet te eten die rotzooi.

Wij zijn er ook wel eens voor gezwicht. De agressieve kindermarketing jaagt schuldbewuste ouders de parkeerplaats of de drive thru door om hun kinderen maar gelukkig – en te dik – te maken.

Nooit zullen we vergeten hoe we na een lange autorit naar Zuidelijk Frankrijk de kinderen wilden tracteren op een dienblad M. Net toen we naar binnen wilden stappen, kwam er een klein kind kotsend naar buiten. Daarna viel het voer eigenlijk nog wel mee.

Wortel in de vuist

Jetta-Klijnsma-621x328Van Mark Rutte moesten we een nieuwe auto kopen. Goed voor de economie. Zelf rijdt hij nog steeds in zijn prehistorische Saab. Van staatssecretaris Jetta Klijnsma (zelfde kabinet, andere partij) moeten we een huis kopen. Want als het huis is afbetaald, kun je prima van je AOW leven, en heb je geen last van je pechpensioen.

Het is wat, die goedbedoelende politici. Leuk dat een sociaal-democrate mensen met pensioenproblemen aanraadt dan maar een huis te kopen. Het is er ook echt de tijd naar. Maar Klijnsma is nog veel creatiever. Zij kent ook mensen die een moestuin hebben. Dat levert veel groente en fruit op. Dus wie een pensioengat of -ravijn vermoedt of heeft: neem een moestuin.

Klijnsma schijnt slim te zijn. Zij is ook een soort sociaal geweten in de PvdA. Maar ergens gaat het dan mis. Dan komt de losgezongen lariekoek. Dan komen we met een moestuin. Sla je slag. Het is dit soort onbenul dat sociale media doet ontploffen en sociaal-democraten voor de zoveelste keer achter de oren doet krabben. In plaats van een roos nu een wortel in de vuist. Het kan verkeren.

Nee, dan Laurens Ivens, kakelverse wethouder te Amsterdam. Van de SP. De partij die de moestuin al lang in het logo heeft. Vroeger een balletje op jacht naar geld, maar inmiddels genezen, en hij levert zelfs salaris in. Ik dacht dat wethouder te Mokum niet zo slecht betaalde, maar bij de ANWB van Van Woerkom verdiende Ivens kennelijk (nog) meer.

Net als die moestuin zal Ivens ook niet precies bedoeld hebben wat hij zei in Het Parool gisteren over Emile Roemer en zijn werk als fractiemedewerker in de Tweede Kamer: “Ik schreef zijn teksten, hij sprak ze netjes uit, dat ging goed.” Nou, zo’n jongen komt er dus wel. Wethouder Wonen. Leeft met vriendin op 50m2 in de Indische Buurt. Nou, dan ben je van het goed tomatenhout gesneden. Vanaf heden te bewonderen in de Stopera.

Doggystyle en artiesteningang

doggystyleTaal leeft. We spreken en schrijven heel anders dan honderd jaar her. Er ontstaan steeds nieuwe woorden. Die landen in de Van Dale. Deze week werden er weer pareltjes toegevoegd. Zoals bitchfight, doggystyle (of doggy style) en greppeldel.

Een greppeldel is een verachtelijk vrouwspersoon die het in elke drooggevallen greppel met iedereen voorradig wel wil doen. Van del naar hoer is een kleine stap en in die categorie is nu de aandachtshoer en mediahoer toegevoegd, troetelnamen die de Heleen van Royens en Yolante Cabau van Kassieren van deze wereld regelmatig krijgen toegevoegd.

Het woord artiesteningang heeft ook een nieuwe entree gemaakt in de Van Dale en is ook een nieuwe naam voor een oude entree: het woord artiesteningang is sinds een paar jaar het eufemisme voor de aarsopening. Daar kun je theater bij maken, maar het is het niet.

Plofkop is ook een mooie. Ik moest gelijk denken aan een knipseltje over Herb Lotman, één van de drie drijvende krachten achter het succes van McDonalds’s. Als er nu iemand een plofkop had… Het kan ook geen toeval zijn dat deze uitvinder van de techniek van massaproductie van ingevroren hamburgers overleed aan hartfalen. Waarschijnlijk iets te verknocht aan de producten van de eigen zaak.

Wereldwijd leggen medewerkers van allerlei fastfoodketens vandaag het werk neer. Het is geen eerbetoon aan Lotman, maar een protest tegen de hongerlonen die worden betaald. In Nederland helaas nog geen stakingsgolf. Iets met ‘lastige organisatiegraad’ en zo.

Maar minder fastfood eten helpt het ketenpersoneel natuurlijk niet. Wat een paradox. Net zoals de economische krimp nu die wordt veroorzaakt door te weinig aardgasgebruik. Van verstandig, gezond en zuinig gaan we dus naar de kloten. Iemand daar een woord voor?

Drijvende vuilstort

cruise.aruba

Een cruise lijkt me leuk als je terminaal bent. Een drijvend voorportaal van de hel. Opgesloten met een paar duizend anderen de hele dag doodgeamuseerd worden en hoppen van haven naar haven. Zo God het mij geeft, ik wacht nog even.

Die varende Vinexwijken zijn ook nog eens een drijvende vuilstort. Al het voedsel dat niet wordt geconsumeerd, wordt overboord gekieperd. Ik begreep dat tot dit jaar ook glas en papier zo de zee in gedonderd mochten worden. Niets mag ons plezier in de weg staan. Lekker ronddobberen in je eigen afval.

Maar we verdrinken zo in ons eigen vuil. Ik las dat de dolfijn het al niet meer trekt in de wateren rond Istanbul. De mens is een beest. Een zwijn, zou ik zeggen. Maar er is hoop. Eco-vriendelijk wordt het natuurlijk niet dat cruisen over de wereldzeeën, maar er is nu wel een vriendelijker begin van het omturnen van mensenvoer in dierenvoer. Dan hoeft het niet de plomp in, maar kunnen hond en knaagdier van onze gerecyclede overvloed genieten.

Het is een initiatief van het Italiaanse rederijbedrijf Costa, u kent ze wel van die omgevallen Costa Concordia en die heldhaftige kapitein die zijn bedrijf voor jaren imagoschade kostte. Hoe dan ook, het lijkt me eigenlijk beter als iedereen gewoon thuis blijft. Dan gaat de aarde wat langer mee. En hoef ik niet te vrezen dat als ik heel ziek word, ik alsnog naar Dubai, Mauritius en Windhoek wordt gevaren om de zon en mezelf onder te zien gaan.

Nostalgisch bediending

stanislavski

Stanislavski. De schatplichtigheid aan de grote Russische acteur en theatertheoreticus is groot. Maar het café-restaurant in de Amsterdamse Stadsschouwburg had misschien meer moeten focussen op culinaire roots en namen. Dat zou de liefde voor eten en goed gastgeverschap veel goeds hebben kunnen doen.

Stanislavski is één van die locaties waar jij er bent voor het personeel. Het is een hoofdstadziekte. Wij zijn hip en belangrijk, en jij mag blij zijn dat je binnen mag. Verder vooral niet zeuren. En keurig wachten tot er iemand tijd voor je heeft. En dat kan duren. Het is ook de ziekte van zaken zonder toezicht waar personeel doet waar het geen zin in heeft en niet doet wat het moet doen. De ergste was ooit Danzig, bij het stadhuis.

Ik kreeg een e-mail van Stanislavski over een nieuwe menukaart. Dat viel ook niet mee. Bieren op de tap, een stampotje, courgettenbloemen, nostalgische ossenworst, specials die ‘de hele dag beschikbaar’ zijn, en leveranciersnamen als Kef en Brand en Levi tussen aanhalingstekens. Daar proef je weinig liefde voor koken en eten. Dat belooft dus weinig lekkers.

Die nostalgische ossenworst is overigens onderdeel van een slepende ziekte waarin ambachtelijk brood, eerlijk vlees, oma’s recepten en wat voor onzin al niet een nepbeeld van puur en vroeger voor moeten schotelen.Net als het ook zo misbruikte huisgemaakt. Jeuk en maagkramp krijg je van al die nep. Maar onbedoeld is er ook humor.

Als je teksten niet naleest en corrigeert, gebeuren er vaak de leukste dingen. Dan wordt bediening bedieding of bediending. Vraag de bediending naar de keuze. Zonder vertikking zou de zin al vreemd zijn. Vragen naar de keuze. De keuze van wie? Voor wat? Maar bediending sums it all up. In Stanislavski ben je overgeleverd aan bediendingen. Of hoe je van een toplocatie een liefdeloze eetschuur maakt. Je zou er bijna nostalgisch van worden.

Relatief best eng

Ik zit er maar mee. Code Oranje. IJzelaanval begonnen. Triple-dip. Een woonakkoord met gristensplinters. Moest dat nou? En Ushi must marry? Moest dat nou ook? Maar het beste dat ons kon overkomen, is ons niet overkomen: een planetoïde – stukje ruimtepuin – die op aarde knalt. Maar dichtbij komt ‘ie wel. Relatief dan. En dat omschreef de Volkskrant als ‘..relatief best eng.’

Relatief best eng. Je gaat er spontaan van janken. Van zo’n hots-knots-begonia-ik-weet-ook-niet-waar-ik-het-over-heb zinnetje. Relatief best eng. Is dat nou eng, of juist niet, qua relatief? Taal is niet ieder zijn ding, zeg maar. En dan krijg je dat. Het is wel eng, maar omdat het niet gebeurt zwak je het af: best eng. En dan ook nog relatief. Zeggu?

Relatief best eng is ook het zoveelste vlees- en voedselschandaal. Helaas willen we maar niet weten wat er in ons voedsel zit, want je zou er spontaan ziek van worden. Nu is een koe plots een paard geworden, de evolutie kan best snel, en vergadert Europa zich weer suf hoe dat toch weer allemaal kan. Ik las deze week ook een opbeurend lijstje over wat er allemaal in hamburgers zit (ammoniak, antibiotica) en wat vooral niet (fatsoenlijk vlees). Relatief best eng.

Het blijkt dat vooral meisjes terughoudend zijn in het toegeven dat zij porno kijken. Jonge mannen vinden dat relatief best minder eng. Zij kijken zich suf aan porno, voor de lol en lekker, maar ook omdat het leerzaam is en vormend in techniek, en het maakt het straks live relatief best minder eng. Dat is dan wel weer positief en fijn dus dat die planetoïde geen roet in het heerlijke eten gooit.

En absoluut goed is dat het Van Gogh Museum een nieuwe opening krijgt, en aan het Museumplein. De loterijen waren Van Gogh en veel andere huizen en goede doelen dezer dagen uitermate goed gezind, en zelfs Bill Clinton was wederom in 020, nu om de zegeningen van de Postcode Loterij nog meer status en presidentiële allure te geven. Ik had graag Gaston ‘gooeeeeiiiiienavond’ horen zeggen in het Concertgebouw, maar het lot besliste anders.

En nu maar wachten of de ijzel komt. Is relatief eng. Maar gelukkig wordt zo’n Code Oranje of Geel of Dieprood vaak weer heel snel ingetrokken en kun je weer min of meer veilig de straat op. Zeker als je weet dat die planetoïde aan je voorbij is gegaan, relatief dichtbij, dus best eng, maar dat is het hele leven best wel een beetje.

Geelzucht

Het heeft lang geduurd. Iedereen wist het al. Maar nu heeft Lance Armstrong dan eindelijk zijn zonden opgebiecht. Bij Oprah. Want zo doe je dat als groot kampioen. Dan ga je in de schijnwerpers staan, daar waar je hoort, daar waar je altijd hebt gestaan, en waar iedereen je voeten en je kont kustte, omdat iedereen die zelfde geelzucht deelde.

Iedereen wist het al. Iedereen weet het al heel lang. ‘De verkeerde snoeppot,’ zo bagatelliseerde en vergrapte Mart Smeets het flikken en flessen, het spuiten en slikken. Iedereen wist het altijd al. Doping en wielrennen is een gedwongen huwelijk. Er is geen gek die op een liga en een smoothie Alpe d’Huez oprijdt. Tommy Simpson. Wie kent hem nog?

Het is net de Cosa Nostra, de Maffia, zo u wilt. Dat is een grote familie met bijzondere spelregels en de geheimhoudingsplicht als erecode, de omerta. Wie praat, die ligt eruit, en wordt in beton gestort. De wielersport heeft vele trekjes van de Maffia, met Lance A. in de rol van drugsbaron, en de Marten Smeets als de familieleden die van alles zien, weten en vermoeden, maar weten dat hun plek aan de tafel slechts gegarandeerd is zolang de monden verzegeld zijn.

Iedereen wist het al heel lang. Iedereen heeft geelzucht. En de wielersport geeft eigenlijk de liefhebbers de schuld. Zulke onmenselijk zware prestaties, tsja, daar moet wel wat extra krachtvoer bij, pilletje hier, bloedtransfusie daar, en dan komen we de Galibier en de Tourmalet ook wel weer over. Wij wielrenners hebben alles voor onze sport over, dus de liefhebber moet ook maar wat slikken en niet zo zeuren.

Misschien ziet Mart Smeets hier ook wel weer een boekje in. Hij heeft nu in ieder geval alle bewijs dat hij altijd zo miste om eens fijn uit de wielrenschool te klappen. Hup Mart, schrijven, in twee weken moet er iets kunnen liggen. Waarom ik voor Armstrong toch een lance brak, of zoiets, daar kom je vast wel uit.

En wij? Wij gaan straks gewoon weer kijken. We worden gek als die Elfstedentocht er eindelijk weer komt. Maar ook in de hel van ’63 gingen de pilletjes van hand tot hand. Tony Adams van Arsenal nam altijd a few pints voor de wedstrijd. En in de voormalige DDR groeide epo op ieders bovenlip. Schone sport? Graag. Maar iedereen heeft geelzucht. En wat is het fijn om de andere kant op te kijken. Daar waar eer en glorie op het podium staan. Daar waar onze helden boven ons en boven zichzelf uitstijgen.

Eet smakelijk

You are what is eat is een bekende uitdrukking die zijn wortels vindt in het Frans in Psychologie du Gout, uit 1826. Anthelme Brillat-Savarin betoogde daarin: “dis moi ce que tu manges, je te dirai ce que tu es.” Ofwel: vertel mij wat je eet, en ik zeg je wat je bent. Brillat-Savarin en anderen zoals Feuerbach bedoelen het niet letterlijk, maar dat  wat je weet invloed heeft op lichaam en geest.

Op deze drukke aardkloot en in enorme gemechaniseerde processen hebben wij al lang het zicht verloren op wat we precies eten, wat het is en in zich draagt, wat er is toegevoegd, waar het vandaan komt, en wie – behalve jezelf aan de kassa – nog meer de prijs heeft mogen betalen voor onze bordbedekking.Nu Marqt in Amsterdam een derde winkel opent, direct tegenover ” mijn’ voormalige Posthoornkerk aan de Haarlemmerstraat, moest ik denken aan een knipsel dat ik had bewaard en dat de activistische kop ‘Koop niet bij Albert Heijn’ heeft.

Als graag klant van Marqt kan ik natuurlijk de nodige loftrompetten steken over de winkels van Quirijn Bolle, Amsterdammer van het jaar 2010. Maar ik kan misschien nog beter dat activistische artikel van Dirk Koppes over Albert Heijn gebruiken om duidelijk te maken waarom het zo lekker is om Marqt-eten te kopen.

In de aanhef van Koppes stuk in de Volkskrant gaat het direct van dik hout. ‘Het eten ziet er goed uit, maar het smaakt naar niets.’ Witlof mist zijn bittertje, tomaten blijven waterbommen, kruiden ruiken nergens naar, dus die hoef je in de keuken niet te gebruiken. Natuurlijk, de mens moet eten, maar mag het ook nog ergens naar smaken en ruiken? De grootste kruidenier vindt dat maar onzin.

Vers mag dan nergens naar smaken, de pasta’s met roomsauzen doen volgens Koppes denken aan ‘omgekieperde slagroombakken.’ Het ontlokt hem de vraag of er een ‘..reden is dat klant-en-klaar zo smerig moet smaken?’ Eet smakelijk. Nu eet ik graag smakelijk, en wat Koppes beschrijft zong ook al een tijd door mijn hoofd. Het smaakt niet, het oogt niet, het is allemaal weggestopt in plastic, en met verneukend licht.

Supermarkten concurreren elkaar kapot. Dat lijkt fijn voor de klant, maar die krijgt steeds viezer eten van uitgezogen producenten. En al die grote winkels jakkeren de kleine kapot. Hulde dus aan Marqt, daar is vers eten lekker, van boeren met naam en toenaam en verblijfplaats, en er is deels ook al gekookt, en ook niet te versmaden. En ja, Marqt is duurder, duurder dan veel te goedkoop. En dat proef je. Eet smakelijk.