Mededogen gevraagd

Mededogen. Dat was het woord dat het voor mij deed. Mededogen. Het klinkt misschien archaïsch, maar dat betekent dat het woord en het begrip al heel lang bij ons zijn. Mededogen. Erbarmen. Het zijn andere waarden dan medelijden. Mededogen is dieper, zit verankerd in je zijn en je ziel, medelijden is meer de schok en de traan bij plotse ellende.

Mededogen is actief, je moet het laten zien, waarmaken, leven en beleven. En dat valt niet mee en gaat niet vanzelf. In zijn voor ons allen zo ontluisterende boek Homo Sapiens schreef Yuval Noah Hariri op het eind: ‘We brengen consequent grote schade toe aan onze mededieren en aan het ecosysteem, terwijl we in weinig meer zijn geïnteresseerd dan ons comfort en plezier en we nooit tevreden zijn.’

Heftig en zwaar allemaal, het zij zo. Ik kwam erop nadat ik op een aantal plaatsen affiches zag hangen van de Partij voor de Dieren met het leuke woordspel ‘Alle kleine beestjes helpen.’ Ik had hem best zelf willen bedenken, in ieder geval triggerde het om te realiseren dat Thieme & Co als enige voortdurend positief prikkelt om ons leven van slopers om te zetten naar meer mededogen, van live it up naar duurzaamheid.

Ik geef het toe: ik vond een politieke partij voor de dieren een belachelijk en elitair idee. Kijk ons eens fijn bezig zijn met die harige vriendjes. Maar zo makkelijk kom ik er niet meer vanaf. Kijk naar al het gif, het plastic, de CO2 en de dieronterende manier waarop we met onze mededieren om gaan. We zijn slechte rentmeesters, we schijten in ons eigen huis, roepen dat het stinkt, maar weigeren ons gemakzuchtige leven aan te passen.

Dieren hebben geen stem. Dus moeten wij het doen. Mededogen. Erbarmen. Laten zien dat we wel degelijk een wijs en invoelend mens kunnen zijn, een Homo Sapiens 2.0. Alle kleine beetjes helpen. Alle kleine beestjes ook.

Ei-ei-situatie

 

Ik ben het wel eens kwijt. In de war. Spoor bijster. Van de leg. U kent het vast. Nou denk ik vaak dat het gewoon aan mij ligt, maar vanochtend had ik plots een dieper inzicht. Dat kwam door een ei-ei-situatie. En dat zat zo.

De firma Chickfriend – jawel – uit – jawel – Barneveld was kippenstallen te lijf gegaan met bloedluisreiniger waar het voor de mens (en kip, neem ik aan) schadelijke fipronil aan was toegevoegd. Wat Chickfriend verkocht als ‘de droom van elke kippenboer’ (ik verzin het niet..), werd een nachtmerrie en landelijk nieuws.

Ook mij werd vriendelijk verzocht eventuele eieren in huis op code te checken. Die code vond ik uiteindelijk op de eieren zelf. Was me nooit opgevallen dat eieren zo’n gestempelde code hebben. Maar goed, in de zoektocht naar die code – gelukkig bleken onze eieren ‘safe’ – stuitte ik op iets wat verdacht veel leek op een samenzwering om mij gek te krijgen.

Op het vrolijkgroene doosje met 6 eieren stond niet alleen dat de kippen het zo goed hadden en lekker buiten konden scharrelen, maar ook informatie over allergie. En de allergie informatie was even simpel als gekmakend: bevat ei. Ik zweer het. Ei bevat ei. Ci c’est un oeuf. Dat u het weet. Dat u niet komt klagen als blijkt dat u met een ei ei binnen hebt gekregen.

Ik ben inmiddels nog aan het bijkomen van deze ei-ei-situatie. Terwijl ik toch ook al decennia het raadsel van de kip en het ei probeer op te lossen. Ook geen eitje, zal ik maar zeggen.

Een lieve stad

Het is een prachtige zomeravond met een bijzondere gast en tot vlak voor het eind gaat het zoals het gaat en dan is er bijna op het eind dat einde dat maar onbesproken leef, het vooruitzicht van de dood waar Eberhard van der Laan liever niet aan denkt, maar dat zich dan onstuitbaar opdringt en weerspiegelt in de gebroken belofte die Abdelhak Nouri heet.

Het is het moment dat je weet dat komt, want met al het harde, stevige, sterke, dappere en moedige dat in zijn voornaam huist, is Eberhard natuurlijk ook gewoon een hele lieve jongen die in de ultieme worsteling met zichzelf is en zijn verantwoordelijkheidsgevoel gebruikt als nauwsluitend pantser tegen het onvermijdelijke.

In die paar uur zomergast bouwde de burgemeester een prachtig beeldhouwwerk van hoop, humanisme, betrokkenheid, gezonde dwarsigheid, energie, levenslust, nieuwsgierigheid en vertrouwen in een mensheid die dat lang niet altijd verdient en waarmaakt.

Ik hoop dat Eberhard nog een poosje burgemeester blijft, en dan nog een poosje blijft en dan nog een poosje, ja graag, doe maar, ik teken bij het kruisje. Want hoe groot kan het monument zijn voor een burgemeester – een Rijnsburger, mind you – die door zijn tranen heen hoopt dat zijn Amsterdam een lieve stad blijft. Een lieve stad. Wow. Dan zeg ik: lieve burgemeester. Die blijft niet nog een poosje, die gaat nooit meer weg.

 

Eet een appel

turksfruit-foto

Het is Boekenweek. De week van de verboden vruchten. Dat brengt de geest toch onherroepelijk terug naar Jan Wolkers’ Turks Fruit en de verfilming met het legendarische tieten-kont, tieten-kont, tieten-kont-kont-kont. Dat waren nog eens tijden.

Vanochtend leek de intercity naar Amsterdam voortgestuwd te worden door het leutergeratel van twee collega’s die naast het leven, hun collega’s, de moskee en blote billen ook de gezondheid en de dorstlessendheid van de sinaasappel ter sprake brachten.

Het kan geen toeval zijn dat ik in Het Parool net beland was bij een artikel over hoe onze voorouders slim waren geworden van fruit eten. De hersens van fruiteters zijn aanzienlijk groter dan die van bladknagers en diereneters. Dit onderzoek van Amerikaanse biologen is niet omstreden, zoals vrijwel alles wat vandaag de dag uit Amerika komt.

Het verhaal over het slimme fruit haalt de eerdere theorie onderuit dat de omgang met soortgenoten het brein juist zou hebben opgeschaald. Ook die theorie is maar een mening, zoals vrijwel alles wat vandaag de dag uit Amerika komt.

Misschien hadden Adam en Eva al een vermoeden over de positieve invloed van fruit op de hersenen toen zij het gebod van hun schepper in de paradijselijke wind sloegen en aan een appel begonnen. Dat bracht de mensheid grote ellende en een voor altijd verstoorde relatie met het opperwezen.

Van recentere datum is de campagne uit mijn jeugd ‘snoep verstandig, eet een appel.’ Die reclamemakers hadden wel door hoe het zat. Maar of het ook effectief was? Ik zie die arme ouders al op die pubers afkomen met een appel en de toevoeging “daar word je slim van, joh.” Ratio en het puberbrein, het is een taai gevecht.

ALS de dag van toen

Pieter

Maandag overleed Pieter Steinz aan de ongeneeslijke spierziekte ALS. Zijn dood kwam niet onverwacht, maar dat maakt de klap en het verdriet niet minder. Mooi dat de media loftrompetten staken om zijn werk en belang te duiden. Zo noemde Het Parool Pieter toch ‘vooral een zeer welsprekende gids in de wereld van de literatuur, de muziek, de kunsten en al het andere wat de cultuur te bieden heeft.’ Dat is mooi. En welverdiend. Zo kundig en bevlogen als hij was, zo aardig was hij ook en moedig bleek hij.Gelukkig ben ik met de mooie herinneringen aan onze samenwerking bij het Nederlands Letterenfonds, Pieter als directeur, en ik als één der bestuurderen.

Het is wrang als je getroffen wordt door een ziekte als ALS die je niet kunt verslaan. De kans dat je het krijgt lijkt ook zo miniem. Jaarlijks krijgen in Nederland rond de 450 mensen de diagnose ALS. Op de Nederlandse bevolking is dat heel veel nullen achter de komma. Maar Pieter kreeg het. Hij vocht, werkte door, en schreef verbluffend nuchter over de ziekte hem sloopte. Dat moet je ook maar kunnen. Ik moet steeds denken aan het programma  The Meaning of Life waarin de Britse acteur Stephen Fry wordt gevraagd wat hij tegen God zou zeggen mocht hij hem ooit ontmoeten. Fry sprak de prachtzin: Bone cancer in children. What is that all about? How dare you?”

Het is ook wrang als je één pagina na het mooie in memoriam over Pieter in Het Parool leest hoe directeur Eric N. € 177.000 stal uit de kas van de Stichting ALS. “How dare you”, past ook hier prima. N. probeerde de diefstal af te dekken door in de kas van een andere stichting te klauwen. Nu heeft hij spijt, maar toen rolde het gestolen geld gemakkelijk naar zijn grote gezin met zeven kinderen, naar vakanties, loterijen en de opknapbeurt van een zeiljacht. Als het aan de officier van justitie ligt, mag deze N. een jaar lang in detentie gaan nadenken over zijn verderfelijk handelen. Shame on you.

Het brengt Pieter niet terug. Een goed en getalenteerd mens is veel te vroeg gestorven. Wat blijft is zijn mooie werk en de gedachten aan de dag van toen en hoe en wie en wat hij was en betekende. Hij zal in ieder geval langer herinnerd worden dan deze Eric N. Is er tenminste nog iets van gerechtigheid…

De PR van het hoofdkantoor

BrainsOns brein. Dat wat ons stuurt en beweegt. Dean Burnett vindt het brein ‘briljant, verbijsterend, onvoorstelbaar complex.’ Maar dat is niet het hele verhaal. ‘Het gejubel is niet productief want het brein heeft ook gebreken en functioneert niet altijd logisch.’ Burnett kan het weten. Hij is neurowetenschapper. En ook stand- up comedian. Een boeiende combi.

Volgens Burnett is het slim om onze bovenkamer niet zo te bejubelen en te bewieroken. ‘Het is ook maar een ding.’ En dat ding heeft de nimmer aflatende neiging om zich druk te maken over van alles en nog wat. Als dat gaat over een aanstormende leeuw of windkracht 12, dan is dat uitermate handig en functioneel. Maar het brein overdrijft ook en zet ons aan het tobben over de kleinste dingen die grote zorgen worden. Voor je het weet giert je hartslag omhoog en staat het zweet je in de handen.

Er is een andere zorg. Het brein vertrouwt graag op zelfverzekerde sprekers. Die doen het beter bij ons dan genuanceerde twijfelaars. Daarom is het ook zo lastig om het klimaatdebat te winnen. Al die spread sheets en al die data versus die ene opmerking dat iemand ergens las hoe het nu echt zat. Weg ben je. Mooi is de constatering van Burnett dat ‘echt intelligente mensen ook weten wat ze niet weten. Daardoor komen ze helaas minder overtuigend over.’ Tsja.  

Wij zijn ons brein, dus het is lastig om met een vingertje naar onze bovenkamer te wijzen. Maar de grote verering is toch wel een punt van zorg. Zeker als je weet waar die verering vandaan komt. Van het brein zelf, dus. Ons hoofdkantoor heeft de eigen PR goed op orde.

De 90-jarige dokter die op zijn post blijft

hasseltWat is het toch heerlijk dat Het Parool je bijpraat over je eigen stad. Over Sea Palace, bijvoorbeeld, het drijvende Chinese driedeksrestaurant . Hoe vaak was ik er al niet voorbij gefietst, of zag ik het uit de verte liggen. Ik was er nog niet. Maar de rapportage in de PS van zaterdag over het familiebedrijf vermeerdert de trek nog meer. Lekker dim sum, oesters, pekingeend.

De praktijk van huisarts Nico van Hasselt is eigenlijk ook een familiebedrijf. Maar wat deze Buitenveldertse huisarts zo bijzonder maakt is zijn bijzonder hoge leeftijd: 90, Maar 24/7 actief en betrokken. En zijn cliënt-patiënten lopen met hem weg. Van Hasselt mag nog tot 2016, maar ik vermoed dat hij het liefst in het doktersharnas zou sterven.

Louis van Gaal is ook 24/7 actief en betrokken en heeft alle winden mee. Zijn team – onze jongens – is ongeslagen en zonder puntverlies een bijzondere vriendenploeg en de bondscoach kan er – tegen zijn slechte gewoonte in – heel blij en relaxed om doen. En het zit ook niet tegen. De hopeloos falende Wesley Sneijder schiet de 1-1 er in, en bankzitter Klaas-Jan Huntelaar haalt niet zijn gram door de penalty de tribunes in te schieten, maar scoort haarfijn.

Vandaag was het dus vooral dat zweet van die trits bloed-zweet-en-tranen, maar het leven lacht Oranje toe. En de status van Van Gaal is in twee weken tijd van norse eikel opgekrikt naar groot leider, ziener en duider van het al. En dan mag hij straks ook nog naar Manchester United. Mijn vriend wordt het niet, maar hij levert hier toch wel het visitekaartje der visitekaartjes af.

Kramer vs. Kramer

kramer2De verloren finale van 1974. Rensenbrink tegen de paal tegen Argentinië. De val van Schenk. Hilbert van der Duim die nog een rondje moet. De strafschoppen van Seedorf. De foute wissel in Vancouver. Nederland verzakt zowat onder nationale sporttrauma’s.

Gisteren moest het gebeuren. Gisteren moest Vancouver uit ons systeem. Terwijl Kramer en Kemkers er al lang klaar mee zijn, was Nederland nog helemaal in de ban van vier jaar terug. In een interview vooraf aan de 10 kilometer, bleef de verslaggever het maar proberen bij Kemkers. De verhoormethode was bijna Noord-Koreaans.

En toen? Toen moest Sven het doen. Dat doen wat vier jaar geleden strandde door een foute wissel. Nu gingen de wissels goed. Maar reed Bergsma te hard. Of Kramer te langzaam. We werden 1, 2 en 3, maar de volgorde klopte niet, althans niet voor Kramer, en zo zitten we met het volgende nationale trauma.

Weer geen goud voor Sven op de 10. En wie zijn schuld was dat? Eigen schuld. De rug deed pijn. Nou, die van mij ook. Door het onder een verkeerde hoek half liggend naar de televisie kijken. Van sporten krijg je blessures. Maar mij hoor je niet klagen. Ik probeer het over vier jaar gewoon opnieuw.

Het is volbracht

D66 CAMPAGNESTART‘Het is een meisje en we noemen haar Els’. Met die idiote aankondiging introduceerde D’66-CEO Hans van Mierlo in mei 1997 Els Borst als zijn opvolgster als lijsttrekker van de Democraten. Goed om te memoreren dat meisje Els in 1997 al 65 was, een leeftijd waarop je toen nog met pensioen mocht.

Els Borst was geen meisje meer, maar werd een grande dame die in het Paarse tijdgewricht zorgde voor baanbrekende wetgeving. Onzinnig zijn dan ook de commentaren bij haar dood dat Els Borst altijd toch ‘..meer arts dan politica was..’. Ze was arts, werd politica, en omdat ze arts was, wist ze als politica de recepten voor succesvolle wetgeving uit te schrijven. Vakminister. Vakvrouw. Vicepremier. Minister van Staat. Erelid van haar D66.

Nu is meisje Els dood. Politiek overkwam haar dat bijna twee keer eerder. In de nasleep van de Bijmerramp. En met haar uitspraak ‘Het is volbracht’, waarmee zij het christelijke smaldeel in de Tweede Kamer alle voorhanden zijnde gordijnen injoeg. Borst ‘ontheiligde’ de kruiswoorden van Jezus in een interview in NRC vlak nadat haar euthanasiewet was aangenomen. Zij ging door de knieën, maar boog niet.

Het is volbracht. Een bijzondere vrouw is dood. We noemden haar Els. Maar voor mij was zij mevrouw Borst. Want de dokter tutoyeer je niet. Zeker niet als de dokter ook nog eens minister van formaat was die met haar wetgeving eigenlijk veel meer voor D66 heeft betekend dan de inmiddels ten grave gedragen staatkundige hervormingen van de nu toch ook al bijna middelbare krullenbollenclub.

Zangzaad

nickensimonBinnenkort is in de RAI de Negenmaandenbeurs 2014. Dat klinkt niet bijster spectaculair. Dus wat doe je dan als organisatie? Je gooit er een onderzoekje tegenaan. Aan ruim 700 jonge en aanstaande mama’s werd gevraagd welke BN’er zij als zaaddonor zouden kiezen. Zo wordt niet bijster spectaculair heel bijzonder en spannend. Want wie kozen zij?

Het grappige is: ze konden niet kiezen. Maar liefst 79% van de dames zou namelijk het zangzaad van de Volendamse nachtegalen Nick en Simon willen hebben. Dat komt mij toch wat hebberig over, zaad van twee. En hoe moet dat dan? Naar rato mixen? Of iets meer zaad van Nick, of toch liever een extra kwakje Simon? Van rare zinloze onderzoeken kom je toch op gekke vragen.

Als Badr Hari na maandag nog vrije man is, hoeft hij zich niet te haasten naar de zaadbank. Slechts 4% van de vrouwen zit op zijn zaad te wachten. Hij bungelt in de onderste regionen, zoals de onderzoekers fijntjes rapporteren. Maar neem Gordon. Die blijkt met 8% twee keer zo populair te zijn als Badr. Of is hier de stille hoop dat Geer er dan gratis een kwakje bijlegt? Geer en Goor. Wat u zegt.

Treurig. Maar de Negenmaandenbeurs heeft aandacht en de kop Nick en Simon meest populair als zaaddonor maakte ook mij nieuwsgierig. Onzin werkt dus. Gelul kun je verkopen. De media hebben voortdurend honger naar content. En ik ben geen haar beter. Ik wil het allemaal weten. Ook mijn nieuwsgierigheid moet voortdurend worden bevredigd. Door Nick en Simon, desnoods door Gordon, maar dan eis ik Goor of een Chinees erbij. Nummer 39 schijnt lekker te zijn.