Mededogen gevraagd

Mededogen. Dat was het woord dat het voor mij deed. Mededogen. Het klinkt misschien archaïsch, maar dat betekent dat het woord en het begrip al heel lang bij ons zijn. Mededogen. Erbarmen. Het zijn andere waarden dan medelijden. Mededogen is dieper, zit verankerd in je zijn en je ziel, medelijden is meer de schok en de traan bij plotse ellende.

Mededogen is actief, je moet het laten zien, waarmaken, leven en beleven. En dat valt niet mee en gaat niet vanzelf. In zijn voor ons allen zo ontluisterende boek Homo Sapiens schreef Yuval Noah Hariri op het eind: ‘We brengen consequent grote schade toe aan onze mededieren en aan het ecosysteem, terwijl we in weinig meer zijn geïnteresseerd dan ons comfort en plezier en we nooit tevreden zijn.’

Heftig en zwaar allemaal, het zij zo. Ik kwam erop nadat ik op een aantal plaatsen affiches zag hangen van de Partij voor de Dieren met het leuke woordspel ‘Alle kleine beestjes helpen.’ Ik had hem best zelf willen bedenken, in ieder geval triggerde het om te realiseren dat Thieme & Co als enige voortdurend positief prikkelt om ons leven van slopers om te zetten naar meer mededogen, van live it up naar duurzaamheid.

Ik geef het toe: ik vond een politieke partij voor de dieren een belachelijk en elitair idee. Kijk ons eens fijn bezig zijn met die harige vriendjes. Maar zo makkelijk kom ik er niet meer vanaf. Kijk naar al het gif, het plastic, de CO2 en de dieronterende manier waarop we met onze mededieren om gaan. We zijn slechte rentmeesters, we schijten in ons eigen huis, roepen dat het stinkt, maar weigeren ons gemakzuchtige leven aan te passen.

Dieren hebben geen stem. Dus moeten wij het doen. Mededogen. Erbarmen. Laten zien dat we wel degelijk een wijs en invoelend mens kunnen zijn, een Homo Sapiens 2.0. Alle kleine beetjes helpen. Alle kleine beestjes ook.

Jezus redt

aardeAls ik naar de hemelen kijk, zoek ik niet naar God maar ervaar hoe bijzonder het is dat wij in die onmetelijke ruimte en de oerknalloterij een leefbare planeet kunnen bewonen en dat we er überhaupt zelf zijn. Dat unieke van dat kleine stukje aarde maakt ons echter niet bepaald zuinig en nederig. We slopen maar dan we opbouwen. We zijn zo stom om onze leefomgeving te vernielen. Dat zie je dieren niet zo snel doen.

Dus de mens als het meest ontwikkelde opperwezen op aarde lijkt me zwaar onterecht. Oh zeker, we hebben spraak en we kunnen van afstand doden. Maar die beide voorbeelden zijn misschien wel het bewijs dat we niet zo erg deugen. Oliver Kerkdijk schreef in de VPRO Gids over ‘.. het grootste sloop- en roverstalent dat ooit de aarde onveilig maakte.’ Het klinkt niet als een compliment.

Apollo-astronauten die de aarde vanaf de maan zagen, kregen diepe gevoelens van affectie voor hun planeet die er op die grote afstand zo prachtig maar ook zo kwetsbaar uitzag. Aan u en mij is het niet besteed. We putten de aarde uit en gedragen ons tegenover dieren als ware kampbeulen en gaan op social media graag los over vluchtelingen die allemaal mogen verzuipen of vergast in een kamp. Er is nog een wereld te winnen, zeg maar.

Wie schetste dan ook mijn schrik en ongeloof toen gisteren Jezus op het Museumplein landde. Kwam hij ons – nogmaals – verlossen of was dit de aanzegging van het einde der tijden? Gelukkig – nou, ja – bleek het bij de musicalmedley van de Uitmarkt te horen. U weet wel, Frits Sissing en dan allemaal van die vrolijke jongelui, Grease in het Nederlands en een verouderde Jezus die ooit Superstar was. En toen wist ik het weer helemaal zeker: God bestaat niet. We staan er alleen voor. Ik wens ons sterkte.

We’re Rednecks

RandyNewmanRednecks is één van de bekendste songs van de Amerikaanse zanger, pianist en componist Randy Newman. Hij schreef het nummer voor zijn in 1974 verschenen album Good Old Boys. Het is een prachtig nummer over hoe er neergekeken wordt op de zuiderlingen in de V.S., verteld door een – niet zo slimme – zuiderling.

Wie Rednecks een keer heeft gehoord, zal voor altijd het fameuze zinnetje `We’re Rednecks, We’re Rednecks, we can’t tell our ass from a hole in the ground’ onthouden. Rednecks is nu veertig jaar oud, maar de Rednecks in de V.S. zijn uitermate alive. Zo stond er in Het Parool gisteren een stukje over zelfverklaarde rednecks die hun zware pick-uptrucks zwarte rookwolken laten produceren. Het zijn ‘walmende protesten’ tegen Obama en zijn milieumaffia.

Voor een echte redneck is een bestuurder van een Toyota Prius een liberal, een homo, een milieufreak, en in ieder geval geen echte man. Echte mannen laten hun benzineslurpers ronken en ruften. Echte mannen houden van het ronkende lawaai van hun monstertrucks en de geur van diesel, indachtig de ook al zo klassieke line uit de film Apocolypse Now, ‘I love the smell of napalm in the morning.’

De vrijheid om te gassen en te stinken en het milieu te verpesten, het hoort – net als het recht om een vuurwapen te dragen – bij de verworvenheden van de V.S. It’s a free country. Maar als je deze zomer door Alabama of Tennessee rijdt, zet de airco hoog en hou je ramen dicht. Deze knuckleheads vinden het heerlijk om de walmen bij je naar binnen te blazen. Rare jongens, die rednecks.