Fly Like An Eagle

Eagles3En eens te meer blijkt maar weer hoe gevaarlijk New York is. In net een week overlijden David Bowie en Glenn Frey in Gotham. Over Starman Bowie is alles al gezegd. Over Glenn Frey nog niet. Voor wie hem niet mocht kennen: Frey was mede-oprichter, zanger, gitarist, toetsenist en componist van The Eagles die met hun prachtig melange van pop, rock en country de jaren ’70 muzikaal domineerden en met Hotel California de status van onsterfelijkheid (nou ja) verwierven.

Glenn Frey kwam uit Detroit, een beetje een bad ass, grote bek, aanwezig en zeker niet te beroerd om een probleem knokkend op te lossen. Samen met drummer en zanger Don Henley zou hij de nucleus gaan vormen van een band die na een periode als begeleidingsband van Linda Ronstadt uiteindelijk The Eagles zou worden. The Eagles maakten muziek die er niet was ofschoon het totaal niet nieuw klonk, en in een jaar of vier zouden zij evolueren van Take It Easy tot Life In The Fast Lane, van softies tot stadionact, met alle genotsmiddelen, private planes, seks en verwijdering die daar gratis bijkomen.

Ik heb The Eagles drie keer gezien. De eerste keer was in De Doelen in Rotterdam toen hun tweede album Desperado net uit was. Commercieel was Desperado een tegenvaller maar artistiek is het voor mij nog steeds een mijlpaal in de geschiedenis van The Eagles, een grotendeels gelukte poging tot een thema-album over cowboys en outlaws als een metafoor voor het eigen bestaan. Een paar later zag ik ze in Ahoy en was de band van vier aardige jongens met denim en engelenkoortjes ontwikkeld tot een stadionact met een extra gitarist en het volume wijd open.

De laatste keer dat ik Glenn Frey zag was in 2014 in de Ziggo Dome. The Eagles hadden alle ruzies en strijdbijlen begraven en gelokt met vette cheques trokken ze als cowboys-in-bijna-ruste de wereld over. De magie was allang weg, ofschoon het nog steeds wel aardig klonk en het beetje voelde als oude vrienden. Ik wist dat ik niet had moeten gaan, en mocht dus niet zeuren. Wasted Time was het zeker niet. En nu met de vrij plotse dood van Frey weet ik zeker dat ik niet nog een keer in de verleiding kan komen om The Eagles te gaan zien.

Ashes to Ashes

Ziggy2Er gaat niets boven Groningen. Dat blijkt maar weer. Het Groninger Museum huist de bejubelde tentoonstelling uit Londen David Bowie is en daar zal het de komende weken alleen maar harder storm gaan lopen nu Bowie als zijn eigen Major Tom in een oneindig zwart gat is verdwenen. Ashes to Ashes.

Er gaat niets boven Bowie, zullen vandaag velen zeggen. Over de doden niets dan goeds en glorieus. En Bowie was natuurlijk een grote. Master of all styles, Een muzikale kameleon en wonderdokter die speelde met persoonlijkheden en images en velen vaak voorbleef. Mijn muziek was het niet altijd, maar je moet wel deaf, dumb and blind zijn om zijn grootheid en belang niet te zien.

David Robert Jones uit Brixton is niet meer. Na 69 jaar en 3 dagen, een muzikale carrière van bijna een halve eeuw, en het afscheidsalbum Black Star is Major Tom niet meer. In het boek All the Madmen van Clinton Heylin ben ik net aan het lezen over zijn eerste jaren en het zoeken naar een stem, een persoonlijkheid, een eigen geluid en het spelen met meerdere werelden.

Het meest gefascineerd was ik als nieuwsgierige jongeling door zijn androgyne creatie Ziggy Stardust en zijn spinnen van Mars, en ik verslond de Britse muziekbladen. Ziggy was een shock in 1972, net als de slangen en de guillotine van Alice ‘Mr Nice Guy’ Cooper en de blow jobs in Walk on the Wild Side van Lou Reed. Wat een tijd, en wat een waanzinnig album en circus was Ziggy, ontsproten aan het brein van een ware Starman.

Baja California

HenleyIk kende Chris Zegers eigenlijk alleen maar van de inmiddels bijna bejaarde spotjes van Zwitserleven waar hij uitgestrekt dobberend de suggestie wekte dat wij dat ook konden bereiken als we maar hard genoeg werkten en braaf centjes zouden afdragen. Maar sinds Wie is de Mol vorig jaar is Dirk Christiaan – Chris voor intimi – Zegers hier een huisheld. Wat hebben we van hem genoten, van zijn energie, positiviteit, humor en overgulle lach. Het Zwitserlevengevoel, maar dan op Sri Lanka.

Gisteren was Chris plotsklaps In Mexico als gids voor het BNN-programma 3opReis en weer was er dat aanstekelijke enthousiasme en dat gevoel van de-dag- is- nog-maar-net-begonnen. En Chris was helemaal niet meer te houden toen hij in Todos Santos op het schiereiland Baja California Hotel California binnenstapte, de fraaie slaapplaats die het decor en het titelnummer voor het grote doorbraakalbum van The Eagles werd. ‘Het enige hotel waar je niet uit kunt checken’ grapte Chris, en van hem kon ik het hebben.

Hotel California, dat is zo aan het eind van mijn middelbare schooltijd, de grens tussen school en verder, net als Hotel California voor The Eagles de grens markeerde tussen de half-akoestische cowboys van de country rock en de overstuurde en snuivende stadionact die ze met het enorme succes van Hotel California waren geworden. Maar iedereen vond en vindt het mooi, en als er geen bloedige aanslagen in Parijs waren gepleegd dan had het magnum opus van Don Henley c.s. nog steeds op 1 in plaats van op 3 in de Top 2000 gestaan. Imagine that.

Trojka hier, trojka daar

DrsPHet zijn zware tijden voor de Nederlandse muziek. Recent ontvielen ons de toppers Albert West en ‘Cowboy’ Gerard de Vries. Hou het dan maar eens droog. En ook de hier ten lande zo populaire bandleider James Last blies at last zijn laatste adem uit. Maar hoe zwaar ons dit allen ook viel, het verbleekt bij het verscheiden van Drs. P.

Drs. P., kort voor Heinz Hermann Polzer, heeft als geboren, getogen en gebleven Zwitser de Nederlandse taal bijzonder verrijkt. De taalvaardige econoom bracht ons hits als De Veerpont en het hilarische uptempo De Dodenrit. Het bracht de antiheld in 1974 gewapend met bontmuts zelfs in de studio’s van Top Pop waar hij schmierend zijn hit playbackte. Het was een bijzonder gezicht, een heer van stand in middelbare staat in keurig pak.

Drs. P. ging heden van ons heen, 95 jaar oud. ‘Voor zover ik mij kan herinneren, ben ik nooit jong geweest’ liet Polzer pas nog optekenen in het Belgische Knack. Het tekende zijn hele act. Hij leek tijdloos en altijd al een wat oudere heer met overdosis taalschat en woordenspel.Uit De Veerpont: de oever waar wij niet zijn noemen wij de overkant. Die wordt dan deze kant zodra we daar zijn aangeland. Geen speld of pont tussen te krijgen.

Mijn lieveling: de duizelingwekkende dodemansit in de trojka waar het gezin één voor één wordt geofferd aan de hongerige wolven en waar de verteller vlak voor de bestemming Omsk als laatste aan de wilde dieren ten prooi valt. Het ontlokte hem de prachtige parel: Omsk is een mooie stad, maar net iets te ver weg. Zuig daar maar eens een puntje aan. Voor Heinz Polzer is vandaag zijn eeuwige dodenrit begonnen.

Paul is not dead

PaulMcCHet waren waarschijnlijk dezelfde mensen die ons Ufo’s probeerden te verkopen die het verhaal construeerden dat Paul McCartney was overleden en stilletjes vervangen door een look-a-like. Paul is dead. ‘Bewijs’ was er genoeg voor het complot. De hoesfoto van de LP Abbey Road, Paul’s omgekeerde basgitaar op de hoes van Sgt. Pepper’s, en John Lennon die ‘I buried Paul’ gemompeld zou hebben in een eindgroef. Het was een mooie hype.

Paul McCartney is niet dood. Nog steeds niet. Sterker nog: Sir Paul is springlevend. Volgende week wordt het Beatlesicoon 73, maar op het podium van de Ziggodome speelde hij de jonge God in een show die drie uur duurde en regende van de wereldberoemde hits.

Het was gisteravond voor mij het feest der herkenning, maar het was toch ook dat bijna magische moment dat je de held uit je jonge jaren eindelijk in het wild treft. Ik moet 6 of 7 jaar oud geweest zijn toen ik een singeltje van The Beatles mocht kopen, en ik herinner mij nog dat ik met mijn ouders en mijn broer in Schiedam naar de film Help mocht gaan kijken. Those were the days.

En zo stond ik gisteren op een bijzondere manier naar mijn eigen jeugd te luisteren en vond ik het heerlijk dat een oudere heer van stand de tijd nam en de energie had om mij mee te nemen door zijn hitpaleis en mij weg te laten dromen naar een mooie tijd waarin John, Paul, George en Ringo de grootste helden op aarde waren. Maybe I’m Amazed…

Yesterday

McCartneyIk geef toe dat ik wel eens gniffelde als er weer een bejaarde band het podium werd opgerold, maar ik geef het nu grif en ruimhartig toe: ik heb kaarten gekocht voor het – tweede – concert van Paul McCartney in de Ziggo Dome begin juni. Mijn eerste en zeer waarschijnlijk laatste kans om één van The Fab Four in levende lijve te zien.

Je mag voor The Rolling Stones zijn, maar The Beatles waren en zijn toch de maat der dingen in de popmuziek. The Stones waren ruiger, gruiziger en gingen en gaan langer mee, maar zijn muzikaal toch minder baanbrekend en belangrijk dan het op eenzame hoogte verkerende oeuvre van de mannen uit Liverpool.

Paul McCartney is de link met mijn jeugd, de singeltjes die ik mocht kopen, de film Help! die ik met mijn ouders in de bioscoop in Vlaardingen zag, de haarlengtes die inspireerden en de nummers die ik nu nog in slaap mee kan zingen. The Beatles veroverden niet alleen de wereld, maar veranderden ook de wereld. Hun invloed duurt al vele malen langer dan de relatief korte periode van immens succes.

Paul McCartney is heel erg mijn Yesterday en ik mag daar graag schaamteloos sentimenteel over zijn omdat het zoveel goede herinneringen op een prettige waakvlam houdt. Ik verwacht geen fantastisch concert op 8 juni, het is al goed genoeg als Paul het haalt en dat ik ga en er ben, en heel even heel erg fan ben van een man die staat voor een hele band die een hele belangrijke rol speelde in mijn jeugd. Vanaf daar is het leven een Long and Winding Road geweest waar The Beatles zelden ver weg waren. Ik verheug mij.

The Day The Music Died

americanpie.2Bijna alle popsongs gaan over de liefde, of het verlies of de onbereikbaarheid ervan. She Loves You Yeah Yeah Yeah, of No Reply. Maar er zijn uitzonderingen. En hele mooie. Zoals het machtige en magische epos American Pie van de Amerikaanse bard Don McLean. American Pie is geen liedje van jongen-krijgt- meisje. Maar waar gaat het dan wel over?

Al ruim 40 jaar stelt American Pie ons voor raadselen. Het is een machtig lied, intrigerend en vol prachtproza, maar Don McLean heeft ons nooit deelgenoot willen maken waar zijn opus magnum over gaat. We weten alleen dat de regel ‘the day the music died’ gaat over de in februari 1959 bij een vliegtuigongeluk omgekomen zanger Buddy Holly.

Understandingamericanpie.com is een site die helemaal is gewijd aan het ontrafelen van het mysterie. Maar binnenkort hoeft dat niet meer. Don McLean gaat eindelijk zijn ‘officieuze Amerikaanse volkslied’ voor ons duiden. Die openbaring hangt samen met de veiling in april van het originele, handgeschreven manuscript van American Pie. Eindelijk weten we dan wat Don McLean bedoelde. Maar willen we dat eigenlijk wel?

Is het misschien niet oneindig veel mooier om de lyriek van McLean te laten voor wat hij is, en dat we erbij kunnen bedenken wat we willen, in plaats van precies te horen wat de bard bedoelde. Niet elk mysterie hoeft ontrafeld. Een belangrijk facet van de decennia durende triomftocht van American Pie is juist het mystieke, het zelf inkleurbare verhaal. En dat McLean nu op hogere leeftijd als pensioenvoorziening voor zijn gezin het geheim ontrafelt, is toch een beetje een let down: the day the song died.

On a dark desert highway

Eagles.HCHet volk heeft gesproken: Hotel California is de nieuwe nummer 1 in de Top 2000. Die plek had het al eerder, maar meestal was het eremetaal weggelegd voor Bohemian Rhapsody van Queen. Stairway to Heaven van Led Zeppelin draait stationair op drie. Dit zijn dus de namen en de nummers – alle drie uit de jaren ’70 – die de meeste snaren raken bij een groot publiek.

Ik was niet zo van Queen, meer van Led Zeppelin, maar het meest van The Eagles. Hun concert in de Doelen in Rotterdam in 1973 staat onwisbaar op mijn harde schijf. De groep had toen net hun tweede album Desperado uitgebracht, misschien wel het voorbeeld van het country rockgenre dat toen opgeld deed, en een muzikale hommage aan de outlaws van toen. Op de hoes van Desperado staan de – toen vier – Eagles als outlaws afgebeeld, de cowboys van het nieuwe hedonisme.

Toen Hotel California explodeerde, waren The Eagles een stadionband geworden met drie gitaristen en de voet vol op het gas van rock en steeds minder country. De band werd groot, groter en grootst en het titelnummer van hun album werd een megahit en spreekt nu ruim dertig jaar later nog tot veler verbeelding.

Ik kan Hotel California eigenlijk niet meer horen. Het is volkomen doodgedraaid. In mijn top 2000 zou het zeker de eerste paar honderd niet halen. Wel het epische The Last Resort met de prachtige zin ‘you call some place paradise, kiss it goodbye.’ Misschien slaat die regel – met de kennis van nu – wel op The Eagles zelf. Maar ja: wel nummer 1 in de top 2000. By popular demand.

Daar gaat je reputatie

Bram_moszkowicz_autoZo hoog als hij steeg, zo diep is zijn val. Komende week dreigt voormalig advocaat Bram Moskowicz failliet te worden verklaard. Crimineel en ex-klant Donald G. komt de 35 mille terughalen die hij Moskowicz ooit leende. Dat de bekendste strafpleiter van Nederland nu door een crimineel wordt gevloerd, mag tekenend heten.

De Volkskrant schetste een treurig beeld van de ooit zelfbenoemde rasadvocaat die nu boven een sparerib-restaurant  woont en die – door een tonnenclaim van de Belastingdienst – rond moet komen van € 1.000,- leefgeld per maand. Moskowicz zit dan nog maar net boven het inkomensniveau van Wim Kieft die inmiddels de goten voorzichtig vaarwel heeft gezegd.

Unaniem en met loftrompetten werd Danielle Gatti recent ingehaald als nieuwe chef-dirigent van het Koninklijk Concertgebouworkest. Maar zijn 6e Mahler dezer dagen in het Concertgebouw kon rekenen op een fluitconcert van de critici. Het Parool was niet bepaald lovend, de Volkskrant was vernietigend: “stoelriemen vast, oordoppen in – Danielle Gatti is in het land.” Van dik hout sloopt men dirigenten.

Maar zelfs als president van de Verenigde Staten kun je niet rekenen op eeuwige roem. Het blad Science concludeerde dat de meesten na langere tijd volkomen zijn vergeten. Amerikanen kennen vooral de zeven laatste en de eerste vier presidenten. Uitzonderingen zijn Abraham Lincoln en John F. Kennedy. Maar die worden herinnerd omdat ze werden vermoord. Niet de leukste reden om voort te leven in de herinnering.

Bloed, zweet en tranen

Bruce-Springsteen-Pressebild-Januar-2014-Sony-Music_image_660André Hazes. Met bloed, zweet en tranen en heel veel bier haalde hij de 53 jaar. Gisteren was zijn tiende sterfdag. Onze geliefde volkszanger werd weer rijkelijk bewierookt. Hoe uniek hij was. Van de blues. En hij had een randje. Dat maakte hem echt. Ja echt, een randje.

Over de doden niets dan goeds, en Hazes leeft 10 jaar na dato nog steeds gewoon door en is van camp en cult tot megaster in ruste geworden. Tsja, dat randje. Dat hebben de Jantjes Smit van nu niet, betoogde de randjesdeskundige bij RTL.

Bruce Springsteen heeft wel een randje. En wat voor een. Hij is niet voor niets The Boss. Baas boven baas. En terwijl wij terugdachten aan Dré, vierde Springsteen zijn 65e verjaardag. Met bloed, zweet en tranen en de energie van een eeuwig jonge God staat Springsteen op deze pensioengerechtigde leeftijd hoog bovenop de Olympus der grote muziekgoden.

Al een jaar of 40 speelt Springsteen alsof elk concert en elke plaat zijn laatste kan zijn. Terugdenkend realiseerde ik mij dat het dan toch ook al zo’n 30 jaar her moet zijn dat ik The Boss in De Kuip in Rotterdam zag, hoewel ‘zien’ van die grote afstand een groot woord is. Ik herinner mij ook de bewegende tweede ring van De Kuip, vibrerend onder de dansende massa. Bij Feyenoord heb je dat niet vaak. Maar daar heb je wel veel bloed, zweet en tranen. En veel bier om het weg te spoelen.