At Seventeen

pamHet is de nachtmerrie van iedere ouder dat je kind iets overkomt of spoorloos verdwijnt. Wie herkent niet dat ene moment van enorme paniek dat je kind opeens verdwenen is en dan drie minuten later vrolijk verstopt achter een boom zit. De vreselijkste gedachten flitsten door je hoofd.

Een veerboot vol kinderen zinkt, een vliegtuig verdwijnt, en het lot van twee Nederlandse meisjes in Panama wordt steeds duisterder. Maar zonder stoffelijk overschot is er toch altijd hoop, en in ieder geval nooit rust en geen kans om het verleden te laten rusten. En toen viel mijn oog gisteren op een klein stukje in Het Parool, keurig hoog in de marge van pagina 14.

Bijna 43 jaar na hun vermissing in mei 1971 zijn twee toen 17-jarige Amerikaanse meisjes teruggevonden, slachtoffer van een auto-ongeluk dat eindigde op de bodem van een creek in het lege land van South-Dakota.

Cheryl Miller en Pamella Jackson uit Vermillion bij Elk Point waren onderweg naar een schoolfeest. Op een gravel road ging het fout en hun Studebaker Lark stortte van de weg het water in. Niemand vond een spoor, tot een visser een tijd terug wielen van de auto boven de modderige waterlijn zag.

Cheryl en Pamella kunnen worden begraven terwijl niemand ooit nog had gedacht dat zij – sorry – nog boven water zouden komen. En de meisjes? At Seventeen – Janis Ian schreef er een ontroerend lied over – waren zij misschien wel op weg naar hun grote liefde, of zouden zij die daar ontmoeten. Who knows.

Pikant detail: hun klasgenoot David Lykken werd ooit verdacht van de verdwijning van en de moord op Cheryl en Pamella, maar werd vrijgesproken. Een lieverdje was Lykken zeker niet. Hij zit een 227(!)-jarige gevangenisstraf uit voor verkrachtingen en ontvoeringen.

I Don’t Like Mondays

brendaannspencerOp de kamerdeur van één van onze dochters hangt een poster van de dikke kater Garfield met de kreet Mondays Suck. Het is de kernachtige verwoording van het gevoel dat zovelen hebben bij de startdag van de school- en werkweek.

Op maandag 29 januari 1979 schiet de dan 16-jarige Brenda Ann Spencer in San Diego uit haar huis op kinderen die wachten tot ze naar binnen kunnen op de Grover Cleveland Elementary School. Met het semiautomatische geweer dat ze van haar vader voor Kerst kreeg, schiet ze twee volwassenen dood en verwondt acht scholiertjes en een agent.

Het motief van Spencer: “Ik hou niet van maandagen, dit brengt tenminste wat leven in de brouwerij.” Bob Geldof, voorman van de Ierse band The Boomtown Rats, pikt het verhaal op en maakt er het beroemde nummer I Don’t Like Mondays van dat in de zomer van 1979 de eerste plaats haalt in Engeland.

Wat een rare twist dat Geldofs middelste dochter Peaches gisteren – op een maandag – overlijdt onder nog niet opgehelderde omstandigheden. Vreemd is wel dat de laatste tweet die zij stuurde een foto is van haar met haar in 2000 aan een overdosis overleden moeder Paula Yates, die – naast Peaches Honeyblossom – met Geldof ook nog de dochters Fifi Trixibelle en Pixie Frou-Frou kreeg. What’s in a name?

Brenda Ann Spencer – 54 inmiddels, ze was vorige week jarig – zit een straf van 25 jaar tot levenslang uit. Haar volgende vrijlatingsverzoek wordt behandeld in 2015. Spijt heeft ze nooit betoond, excuses en omstandigheden in ruime mate aangevoerd. Benieuwd of je in de gevangenis nog wel dat maandaggevoel hebt, of dat elke dag een maandag is. Dat zou dan de ergste straf zijn.

Een tandje bij

denbriel

Het Albert Schweitzer ziekenhuis in Dordrecht is het beste ziekenhuis van Nederland, zo blijkt uit de AD Ziekenhuis Top 100. Dat is mooi, en een mooie opsteker voor de stad Dordrecht die vorige week in de Volkskrant onder de kop ‘Het verdriet van Dordrecht’ nog model stond voor de ingehaalde stad.

Waar gewonnen wordt, wordt ook verloren. Onderaan de lijst van het AD bungelt Medisch Centrum Leeuwarden, persoonlijk pijnlijk omdat mijn moeder daar al weer vele jaren her overleed. Maar zo gaat het leven. De directeur van Leeuwarden laat het er echter niet bij zitten. Hij zag plek 100 als ‘..extra reden om er een tandje bij te zetten.’. Dat wordt dus niks met zulk eng managmentgewauwel.

Maar wat ik plots met Dordrecht heb? Ik werk er. Sinds kort. Een paar dagen per week. Voor een half jaar. Bij het Dordrechts Museum, Het Hof, Huis van Gijn en het regionaal archief. In een oude stad die een uitvergroot model is van het Den Briel (of Brielle..) waar ik mijn jeugd grotendeels doorbracht. En aan die jeugd moest ik deze week weer denken toen onze jongste dochter Hedda 12 werd.

Want waar was ik toen? Ik was ook een brugpieper met een veel te zware tas die door zijn ouders van de Rijks H.B.S. te Den Briel werd gedeporteerd naar Spijkenisse omdat daar het lesrooster wel goed gevuld was. Plots zat ik niet meer om de hoek op school (zoals Hedda nu), maar 15 kilometer verderop. Het bleek een zegen.

En Dordrecht en Den Briel lijken niet alleen op elkaar, ze zijn ook verbonden in de tijd, zoals ik dat me mijn moeder was en ben en nu met mijn dochter ben en zal zijn. In Dordrecht wordt nu hard gewerkt aan Het Hof waar de geschiedenis verteld en zichtbaar wordt met als uitdagende claim  ‘Hier begint Nederland’, refererend aan een illegale Statenvergadering in 1572, niet toevallig hetzelfde jaar waarin – op 1 april – de Geuzen Den Briel veroverden op den Spanjaard.

Op 1 april verloor Alva zijn Bri(e)l, zo leerde ik al op de lagere school. En ‘In naam van Oranje doe open de poort, de watergeus ligt voor Den Briel..’. Prachtig vond ik dat als klein kereltje. De schaduwzijde was dat ik een nep 16e eeuws pakje aan moest voor de 1 april-viering. Dat was gênant. Maar iedereen moest. En zo is het historisch besef er goedmoedig ingeramd, van Brielle toen tot Dordrecht nu.

Het Spaanse Rijk

Wilhelmus

Bram. Nee, niet over Bram. Bram gaat het nog uitgebreid over Bram hebben. Tot heel Nederland hem heeft uitgekotst. Ik geef hem nog een jaar of twee tot het grote gat der vergetelheid. Adieu alvast, je was een schande voor je vak, maar dat stond beroemdheid niet in de weg. Infaam en abject. Wat u zegt.

Dan is het maar een kleine stap naar John Ewbanks. Ook een schande voor zijn vak, maar na wat heen-en-weer-gescheld heeft hij toch maar mooi het Koningslied op zijn naam staan. Je wist dat het kwam, maar je gelooft nog steeds je oren niet.

En dan is het maar een kleine stap naar de Onderwijsinspectie die het keiharde oordeel ‘middelmatig’ over de staat van ons onderwijs afgeeft. De tekst van het Koningslied zit daar dan toch nog een flink stuk onder. Grappig dat onderwijsminister Bussemaker opriep om het ergste foute Nederlands in het Koningslied te verbeteren. Maar waar moet je beginnen?

Lang zal ‘ie leven. Er is er één jarig. Het Land van Maas en Waal. Het Wilhelmus. Het lag er allemaal al, we hadden Ewbanks helemaal niet van Ibiza hoeven halen om een lekkere dijenkletser te hebben voor dinsdag. De koohoohooning van Hispanie heb ik altijd geeerd. Klaar ben je.

En dan is het nog maar een hele kleine stap naar het Spaanse Rijk toen en het deplorabele Spaanse land nu, het ooit zo trotse koninkrijk dat slechts op de been werd gehouden door een Catalaanse club met een Argentijn. Daar ga je met je Spaanse Rijk.

En daar ging het Spaanse Rijk. Eergisteren in München. En gisteren in Dortmund. FC Barcelona werd met 4-0 onder de Beierse plaggen geschoffeld, de Koninklijke Madrid deelt het maar één streepje minder slecht onder de Poolse gesel Lewandowski die volgens mij een uniek record neerzette door in één wedstrijd vier maal te scoren tegen Real Madrid.

In Spanje is het stil, maar wij hebben Bram en een lied en een prinsesje dat hockeyt. Het wordt een dolle dinsdag. En de eerste die het hele stamppotlied in één keer foutloos mee kan blerren, krijgt de hele dag vrij drinken. Heerlijk Helder Hoempapa.

Una giornata particolare

Als een Alpencol van de buitencategorie lag de CITO-toets al deze schooljaren al te wachten op onze schatten van dochters en zonen. Gisteren was de ontknoping van de thriller die door iedereen zo heftig werd gedownplayed, dat je als kind wel moest gaan twijfelen aan de verstandelijke vermogens van jouw ouders en alle anderen.

Want het was zo onbelangrijk dat alle wapens – behalve zware shit uit Noord-Korea – werden ingezet om onze volgende generatie af te leiden, te trainen, op te peppen, te verdoven, of nog heiliger te verklaren. Knuffelsessies, yoga, handoplegging, gebedsgenezing, piskijken, trainingskampen, ziekelijke verwennerij en nog zowat trucs werden uit kasten en laden getrokken, met daarbij telkens de boodschap: doe je best, meer kun je niet doen. Zo werkt dat.

Gisteren braken hemel en hel open. Onze Benjamin (v) had het behoorlijk boven verwachting gemaakt, en dat stemde vreugdevol, en haar ouders slikten hoorbaar van ingehouden spanning die nu een vrolijk ventiel vond. Want wel de jongste van de klas, dyslectisch (lastig woord voor dyslectici, by the way), maar met stelten boven zichzelf uitgestegen. Una giornata particolare. En wat heb ik goed geslapen.

En vandaag was ook alweer een mooie dag. Niet die dreigtweets over sneeuw, maar gewoon heerlijk gewerkt, vanochtend en nu net nog, en ik was vanmiddag voor het eerst in het tijdelijke Baut (naar Wibaut), een wat gedesigned rommelig etablissement aan de voet van wat ooit het kantoor en de burelen van Trouw vormde, en wat door Johannes van Dam met een 10- de tijdelijke roem en drukte in was geparachuteerd. Helaas waren de sinaasappelen op, dus geen jus d’orange, maar het water was beslist een 10 waard. Zo wordt ook elke dag bijzonder.

Zeker als je dan ook nog even naar het Concertgebouw mag, toch één van de beroemdste toonzalen ter wereld. In de Kleine Zaal was een bescheiden hoofdrol voor de fagot als solo-instrument, niet helemaal my cup, maar wel een aangenaam werk van – even adem in – Jean Baptiste Edouard Louis Camille Du Puy, een Franse Bask en een dwarsligger die als één van zijn hoogtepunten de betrapte vrijpartij in 1809 met een Deense kroonprinses kon opvoeren. Dat was voor hem waarschijnlijk ook een heel bijzondere dag.