Zijn we er toch ingetuind

cruijff.vogts.hoenessDe oorlog is lang geleden, alle fietsen zijn inmiddels terug, maar de WK-finale van 1974 blijft een open wond. Auke Kok schreef over Oranje en het WK het prachtige boek Wij waren de besten over, en kunstenaar Ek van Zanten mocht na het WK een beeld maken dat de herinnering aan een prachtig toernooi met fatale finale-afloop levend zou houden.

Het beeld van Van Zanten staat bij het Olympisch Stadion, vlakbij de burelen van de Cruijff Foundation. Hoe passend. Maar er is iets raars aan de hand. Het beeld is ‘gestolen’ voor boeiende beeldvorming. Noem het geschiedvervalsing. Het bronzen beeld zou de overtreding in de eerste minuut van de WK-finale verbeelden, de tackle van Berti Vogts op Cruijff waarna Johan Neeskens Nederland vanaf de penaltystip op voorsprong zou schieten.

Berti Vogts had alle schijn tegen – zie de foto bij dit blog – maar wie goed kijkt ziet links nog de uitgestoken benen van de echte overtreder Uli Hoeness, en die kennen we nu nog steeds en veel beter als de frauderende en belasting ontduikende worstenkoning van Bayern München. Zo kan het gaan in het bestaan.

Maar Vogts of Hoeness, voor Ek van Zanten maakt het niet uit. Hij heeft met zijn beeld helemaal niet willen verwijzen naar die historische overtreding. ‘Ik heb gewoon een mooi beeld gemaakt van twee kenmerkende voetbalhoudingen.’ Zo. Die zit. Zo wordt de geschiedenis naar eigen goeddunken herschreven. Meestal doen de winnaars dat, maar in dit geval de verliezers. Mythe is mooier dan misère.

Dit jaar is het toch al weer veertig jaar her, die traumatische finale in München die we dus verloren dankzij een Schwalbe – ja, toen ook al – en twee goals van Gerd Müller. Zoals verslaggever Herman Kuiphof in het wedstrijdverslag toen sprak: ‘Zijn we er toch ingetuind.’ En dat geldt dus ook voor het beeld van Van Zanten.

P.S. I Love You

Een tijd geleden noemde ik Het Parool een ‘..middelmatige stadskrant met te grote ambities.” Dat werd mij niet in dank afgenomen. Maar ik bedoelde het niet rot. Ik was eerder de teleurgestelde supporter, dan de zure zeikerd. Vond ik. En ik beloofde trouw. Het Parool mocht blijven als first newspaper, en ik zou meer tijd en liefde in onze relatie stoppen.

Guess what? De therapie slaat aan. Ik ben meer van Het Parool gaan houden dan ik dacht te kunnen. Ik kijk altijd eerst naar ‘Mijn Amsterdam’ in PS, naar de Zaterdagochtendgezinssessie, De Dikke Man, het Popcorn Panel – ik mocht er ooit zelf in figureren, over Moneyball – Republiek Amsterdam, de Stad van Auke Kok, en nog meer wederkerend fraais. P.S. I Love You..

En dan heb ik het nog niets eens over de machtig mooie muziekparels van Erik Voermans die de zwaarste klassieke werken luchtig, ter zake, vol kennis en ingehouden liefde en met humor beschrijft op een manier die het water in de mond doet lopen. Zo wordt deze week ook de muziek van Ligeti toegankelijk, hulde!

Een echte stadskrant kan niet om de stadssport heen. Als keeper in buitengewone dienst volg ik de opkomst en ondergang van menige amateurvoetbalclub, zeker als ik er ooit zelf nog mocht spelen, zoals het mooie DVVA op Drieburg, dat overigens zaterdag strijdend ten onder ging bij de mooiste afkorting van de Amsterdamse agglomeratie, HBOK dus, Het Begon Op Klompen.

Maar ja, ik kan het wel biechten, vrijwel elke week sta ik dus ook in Het Parool. Niet alleen dus in het Popcorn Panel, maar op de uitslagenpagina’s. Deze maandag op pagina PS14, de uitslagen van de zondagse 5e klasse, afdeling 513, en daar staat onze zwaarbevochten zege van Sc Buitenveldert 6 op Badhoevedorp, 5-4 werd het, na 3-1 en 3-4 bij rust. Typisch een wedstrijd van een middelmatige zondagsploeg met grote ambities. Maar we wonnen wel. En we haalden Het Parool.