Bloed, zweet en tranen

Bruce-Springsteen-Pressebild-Januar-2014-Sony-Music_image_660André Hazes. Met bloed, zweet en tranen en heel veel bier haalde hij de 53 jaar. Gisteren was zijn tiende sterfdag. Onze geliefde volkszanger werd weer rijkelijk bewierookt. Hoe uniek hij was. Van de blues. En hij had een randje. Dat maakte hem echt. Ja echt, een randje.

Over de doden niets dan goeds, en Hazes leeft 10 jaar na dato nog steeds gewoon door en is van camp en cult tot megaster in ruste geworden. Tsja, dat randje. Dat hebben de Jantjes Smit van nu niet, betoogde de randjesdeskundige bij RTL.

Bruce Springsteen heeft wel een randje. En wat voor een. Hij is niet voor niets The Boss. Baas boven baas. En terwijl wij terugdachten aan Dré, vierde Springsteen zijn 65e verjaardag. Met bloed, zweet en tranen en de energie van een eeuwig jonge God staat Springsteen op deze pensioengerechtigde leeftijd hoog bovenop de Olympus der grote muziekgoden.

Al een jaar of 40 speelt Springsteen alsof elk concert en elke plaat zijn laatste kan zijn. Terugdenkend realiseerde ik mij dat het dan toch ook al zo’n 30 jaar her moet zijn dat ik The Boss in De Kuip in Rotterdam zag, hoewel ‘zien’ van die grote afstand een groot woord is. Ik herinner mij ook de bewegende tweede ring van De Kuip, vibrerend onder de dansende massa. Bij Feyenoord heb je dat niet vaak. Maar daar heb je wel veel bloed, zweet en tranen. En veel bier om het weg te spoelen.

Road to Nowhere

nebraska-filmNebraska is zwart-wit. Bruce Springsteen koos een zwart-wit foto van het eindeloze landschap voor de hoes van zijn album Nebraska dat in 1982 uitkwam. Regisseur Alexander Payne kleurde zijn film Nebraska ook in breed zwart-wit met lichte filter.

Nebraska is het Middenwesten. Eén van die zogenoemde fly over states, de staten waar presidentskandidaten overheen vliegen maar nooit landen omdat er te weinig mensen wonen en er dus electoraal weinig tot niets te halen valt. Nebraska is leeg, desolaat, een prachtig decor voor de prachtige film die Payne maakte met veteraan Bruce Dern als hoofdrolspeler.

Het verhaal van Nebraska moet je vooral zelf gaan zien, alleen al voor het allemachtig-prachtige zwart-wit. De film heeft iets tragisch, gisteren, verval, verdriet, gemaakte keuzes en fouten, maar wordt toch zelden of nooit sentimenteel. En er is heel veel te lachen, ook al ademt alles veel van een verloren, weggewaaide Amerikaanse droom, de grijze grauwheid van een uitzichtloos bestaan.

Nebraska is een typische road movie waarbij de reis en de ontwikkeling van en tussen de karakters belangrijker is dan het reisdoel. Het reisdoel in de film – $ 1.000.000 in Lincoln, Nebraska – is so-wie-so onzinnig, maar leidt tot veel verwarring, jaloezie en zelfs een goedgeplaatste kaakstoot.

Eenzaamheid, heb- en drankzucht, geweld, uitzichtloosheid, het is de V.S. van nu, grijs, zwart-wit, leeg in menig opzicht. In zo’n land en zo’n wereld is het goed om elkaar te hebben. Nebraska eindigt niet vals-optimistisch maar wel warm, menselijk. Mooi hoor.

Komkommertijd

hak2

ZZP’end tot ver buiten de eigen postcode kom ik enkele malen weeks langs de Kuip, het bolwerk van de mannen van hand in hand, het ooit zo roemrijke Feyenoord. Ik ben er niet vaak geweest – de laatste keer was – veelzeggend – Bruce Springsteen uit – maar ik bezie de oude Kuip met gepast respect.

Het is al heel lang komkommertijd bij Feyenoord. God of Jorien van de Herik mag weten hoe de trots van Rotterdam-Zuid zo lang zo diep in de schulden is komen te duikelen dat er al jaren niet of nauwelijks fatsoenlijke voetballers kunnen worden gekocht. Er was vast veel vreemd vlees in de Kuip, rare sjacherinvesteerders met boeiende constructies.

En dan was er nog het plan (of is het er nu nog steeds?) voor een nieuwe Kuip. Voor de supporters hoeft dat niet. Hoe hoog of hoe laag de Koemanbrigade ook staat, de Kuip is altijd vol, bloedfanatiek, en met recht een twaalfde man.

En ja, de start van het nieuwe seizoen was rampzalig. En net op dat moment komt HAK met commercials met trainer Ronald Koeman. Dan is Leiden, maar zeker Rotterdam, in last. Koeman zou zich beter met zijn wankele selectie bezig kunnen houden dan met het hooghouden van doperwtjes en met zijn eigen vast al riant gevulde bankrekening.

Ach ja, kinnesinne. Je zal na al die jaren Martine Bijl maar mogen opvolgen bij HAK. En Feyenoord, ach ja, het is natuurlijk geen topteam, maar top is zeker de bij AZ volledig geflopte Graziano Pellè, de trefzekere en best gekapte spits uit San Cesario di Lecce die ook in strak Milanees maatpak overal en altijd zou scoren.

Die Pellè zie ik wel in een spotje voor Bertolli. Die olie is in ieder geval heerlijk in zijn haar. En naast de 8 ton jaars van Feyenoord kan ook hij best nog wel een leuk zakcentje gebruiken.

Run, Baby, Run

Lance Armstrong. ‘A worm’ noemde iemand op Twitter hem. Niet omdat hij doping gebruikte. Dat wist iedereen al. Wel omdat hij zelfs zijn beste vrienden achtervolgde met advocaten. Deze Boss – sorry, de echte Boss is toch echt Bruce Springsteen – is de narcistische baas van fraude en verraad.

Benieuwd hoe zijn ex-verloofde Sheryl Crow het opneemt. Wat wist zij? Wat zag zij in die drie jaar samen? En waarom ging het mis? Of ging het daarom mis? Ik hoor het nog wel. Maar nu de camera’s weg van de doper, hij haalt het daglicht weg bij Barack Obama die vandaag formeel mag starten met zijn Four More Years. Hoop dat die eed in het openbaar morgen nu wel in één keer wil lukken.

En dan is het exit Hillary Clinton. De loyale secreatary of state wordt afgelost door John Kerry. Clinton is uitgevloerd en uitgeput. Zij woonde vier jaar in een vliegtuig, en wij weten maar al te goed hoe één jetlag er al flink inhakt. Maar Hillary Clinton heeft hogere bergen, diepere dalen en hetere vuren gezien, doorstaan en overwonnen. Dus vliegt de vraag maar rond over haar toekomst. Doet ze nog een ultieme gooi naar het Amerikaanse presidentschap? Of, om met Sheryl Crow te spreken, wordt het Run, Baby, Run?

Haar uitgeputte staat nu is voor velen het bewijs dat Hillary het in ieder geval fysiek niet aan zal kunnen. Een presidentsrace duurt twee jaar en heel zwaar, zeker als je – zoals Hillary dan – toch al tegen de 70 loopt. En bij winst moet je dan nog vier jaar, en liefst natuurlijk acht. Maar het kan wel. Ronald Reagan was op een paar dagen na 70 toen hij in 1981 aantrad.

In 2008 verloor Hillary na een heftig gevecht van de rookie Obama. Lees het prachtige boek Game Change en je begrijpt van hoe ver Bill Clinton afgelopen najaar moest komen om de toen wat aangslagen Obama met een fantastische speech weer op het rechte spoor te zetten. Gaat Obama Hillary helpen tegen 2016? Of staat zijn geld op vp Joe Biden, die zich dit weekend iets al te nadrukkelijk versprak.

Roosevelt, Kennedy, Bush, Clinton, het is een ouderwetse oligarchie in een zichzelf zo modern vindende republiek. Het zegt iets over de macht, de kracht, het netwerk, het geld en het aanzien dat je moet hebben om tot een hoog of het hoogste ambt te komen. De Republikeinen vrezen Hillary. Een formidable tegenstander. Maar de idee dat man Bill dan de tuin en de secretaresses doet, zal voor velen de brandstof zijn om de Clintons te stoppen. Run, Baby, Run. Later dit jaar meer. Eerst gaat Hillary een paar maanden slapen.

On the Road Again

Ik had beide boeken voor mijn verjaardag gekregen, maar aangezien mijn koop- en verzamelwoede niet helemaal gelijke tred houdt met mijn leessnelheid, was ik nog steeds maar niet kunnen beginnen aan de dubbelslag Reizen met Charley van John Steinbeck, en Reizen zonder John van Geert Mak. Nu is er eindelijk het startschot, en Steinbeck is op weg.

Reizen met Charley is het verslag van een reis van zo’n 15.000 kilometer die Nobelprijswinnaar Steinbeck begin jaren ’60 maakte door de V.S. Hij vond dat hij zogenaamd veel wist van zijn land, maar dat hij het meeste nooit echt had gezien of meegemaakt, en nodig zichzelf moest voeden en bijtanken. Dus liet hij een mobile home maken en ging er met zijn bijzondere Franse poedel Charley op uit, van Long Island naar de Pacific, en via het Zuiden weer terug naar New York.

Ik ben net begonnen met Reizen met Charley – dat overigens begint met de tropische storm Donna, een vroege voorloper van Sandy, die over New York en Long Island raast – maar ik kan mij nu al voorstellen hoe Steinbeck in een voor hem enorm veranderd land moet hebben gereisd. Zijn grote boeken speelden toch vooral in een eerdere tijd, de tijd voor het de grote welvaart en het enorme consumentisme. Benieuwd hoe het Steinbeck vergaat.

Een halve eeuw later is het onze chroniqueur Geert Mak die On the Road Again is en Steinbeck achterna is gereisd om te zien wat er nog van Steinbecks Amerika over was en hoe het enorme land in een halve eeuw was veranderd. Net als Steinbeck is Mak op zoek naar Amerika, naar wat mensen drijft en bezighoudt, en wat er nog er nog over is van het ook door Bruce Springsteen bezongen Promised Land.

De eerste 50 pagina’s van Steinbecks boek lezen heel fijn en maken nieuwsgierig naar zijn verdere trip, belevenissen en ontmoetingen, al was het maar dat ik eigenlijk allereerst gewoon geïnteresseerd was in Maks nieuwe boek en daar graag aan wilde beginnen. Maar daarvoor moest Steinbeck dus eerst gelezen, dat is de logische volgorde. Dus liggen er weer de nodige honderden pagina’s stil naar me te lonken.

Het zal mijn fascinatie met de V.S. zijn die mij ook weer door deze boeken heen drijft. Het is het land van mijn jeugd, een jeugd die zo’n beetje begon toen Steinbeck de sleutel omdraaide in Rocicante, zijn mobile home. Ik ben grootgebracht met Amerikaanse films, TV-series, boeken, muziek, en de fascinatie van auto’s als slagschepen, diners, highways en een land waar alles was en leek te kunnen. Dat land bestond nooit, maar had er een tijdje alle trekken van. Steinbeck heeft ze gezien en beleefd, Mak al veel minder, zo vrees ik.