Cokekunst

Er werd druk gespeculeerd. Waarom werden er zoveel dure doeken geroofd uit de Rotterdamse Kunsthal? Om thuis aan een wandje te hangen? Klinkt bijna romantisch, maar is kul. Om te verkopen? Kansloos. Om de verzekeringsmaatschappij een poot uit te draaien? Zou kunnen, is vaker gebeurd.

Maar wat ook vaker is gebeurd, zo stellen experts, is dat roofschilderijen als (deel)betaling dienen in – mislukte – cokedeals. En dat is wat een hoge buitenlandse politiefunctionarfis beweert dat het geval is met de Kunsthal. Er zou verband zijn tussen de vangst 8.000 kilo cocaïne in de haven van Antwerpen en de door Colombiaanse narcobazen geeiste betaling, in geld, of anders maar in mooie doekies.

Cokekunst, dus, bestemd voor de export, bedoeld als betaling voor bestelde coke. En dat die coke niet bij de besteller is aangekomen, is kennelijk het risico van de besteller, en niet van de afzender. De kleine lettertjes, zogezegd. De straatwaarde van de vangst is België wordt geschat op een half miljard, geen kattendrek, en dan moet je wel flink wat schilderijen meenemen.

Voor het lot van de zeven schilderijen van Freud, Gaugain, Matisse, Monet, Meyer de Haan en Picasso moet worden gevreesd, in de zin dat ze binnenkort veilig en wel weer in Rotterdam aan de muur prijken. Als het verhaal inderdaad klopt over de link tussen de Antwerpse cokevangst en deze kunstroof die de rekening-courant tussen Colombia en Nederland weer wat in balans moet brengen.

Op een reguliere veiling zouden de zeven doeken ergens iets tussen € 50 en 100 miljoen op hebben gebracht. Een fors bedrag. Maar het is niets vergeleken bij de selectie van het oliebaronnenspeeltje Manchester City. Die spelersroedel is rond de € 495 miljoen waard. Dus in plaats van de kunst wat beter te beschermen, zou ik me eerder zorgen maken over ontvoerbare voetballers. Die dure jongens van City werden overigens net afgedroogd en opgerold door de net meerderjarige jongens van Ajax. Dat dan weer wel.