Man of the Match

CillessenVolgens Het Parool was doelman Jasper Cillissen zondag Man of the Match bij Ajax – NAC. De troosteloosheid bij Ajax dit seizoen kan niet beter worden geïllustreerd dan door deze keuze. Bij een ‘normale’ Ajax – NAC zou een scorende spits of een diepgaande middenvelder toch held van de middag moeten zijn, en zouden de mannen uit Breda toch met een nulletje of 4 of 5 afgedroogd moeten zijn.

Na vier maal Ajax en zeven magere jaren mag PSV zich weer eens kampioen van Nederland noemen. Ajax was geen partij. Na vier kampioenschappen op rij lijken daar de gelederen te splijten. Binnenkort komt Cruyff langs. Ruzie lijkt me het logische gevolg. Moet Frank de Boer Monnickendam dan maar eens achter zich gaan laten en de grens over gaan steken? Ik zou het wel weten.

Maar ja, wat weet ik nu? Ik was zondag ook Man of the Match. Door een taxatiefout van mij verloren we met Buitenveldert met 1-0 van het hots-klots-begonia-voetbal van SV Parkstad. Tegen lelijk spelende ploegen die onder ons staan, zijn we maar zelden op ons gemak, zeker als de grasmat ook alle trekken vertoont van een hard court tennisbaan en de scheidsrechter een bewuste bron van irritatie speelt. Zo’n middag dus op Sportpark de Eendracht.

Ik zie vanavond Bayern München in 36 minuten Porto met 5-0 de oren wassen en besef mij dat die dagen in Amsterdam voorgoed voorbij zijn. Geen geld en te weinig ambitie om echt weer ergens aan te haken. And what the heck: met de TV-rechtendeal in Engeland heeft straks elk Crystal Palace meer geld te spenderen dan Ajax. Op een slof en een oude voetbalschoen word je nooit meer kampioen.

Hoogteverschil

Edgar Davids. Ik denk dat ik hem ooit zag debuteren in Ajax 1, in de Meer, als linksbuiten, en dat was niet zo’n succes, want Davids was geen Roy, Davids was en werd en bleef een middenvelder, een aan- en afjager, de pitbull van de groene zoden.

Om Edgar Davids hing altijd iets van lastig en moeilijk, moeizame communicatie, kabellid, maar wat daardoor wat naar de achtergrond schoof was de fenomenale carrière die de Amsterdamse Surinamer op de mat wist te leggen, van Schellingwoude naar Ajax, en naar AC Milan, Juventus, Barcelona, Tottenham Hotspur en nogmaals Ajax en – in zijn nadagen – bij Crystal Palace.

En nu is Davids terug. Terug in Londen. In Barnet, op precies te zijn. Daar dook Davids enkele weken geleden tot verrassing en verbijstering van velen op bij de kleine club Barnet FC, een loser in de vierde Britse divisie, een club die nooit wat wint of won. Daar valt wat te doen en te winnen, moet Davids hebben gedacht.

In Het Parool van gisteren schreef Frenk der Nederlanden een prachtig portret (‘De Davidsrevolutie geeft Barnet eindelijk vleugels’) over Noord-Londen en Barnet en ‘Edje’ Davids. Hij ging kijken naar de Londense rafelranden, naar het stadion Underhill dat 5.568 toeschouwers kan herbergen en waar Davids – als deel van zijn opleiding – zijn diensten om niet aanbood aan een club die veel te winnen heeft bij de komst van de Dutch Legend.

En winst komt er. Barnet wint op Underhill met een gedreven Davids – 39 jaar, inmiddels – met 4-0 van Northampton Town. Ik kan het me nauwelijks voorstellen, maar volgens Der Nederlanden is er er op Underhill tussen doel en doel een hoogteverschil van 2 meter. Of het klopt of niet, het hoogteverschil voor Davids tussen wat hij was en waar hij nu is, kan niet groter zijn. Dat hem dat niet uit lijkt te maken, typeert de ware liefhebber, de gedrevene, de pitbull.