Chinees vlaggenschip

redflag

Zo, dat was wel even lekker, dik twee weken niet bloggen. Komkommertijd, zomerstop, radiostilte, gewoon even geen zin. Met als slap bijexcuus dat er in de zomer ook nooit iets gebeurt. Dus wat valt er dan te bloggen?

In de periferie is er toch veel moois. Mollema, bijvoorbeeld. Niet de naam voor een Tour-winnaar, maar na Zoetemelk kan natuurlijk alles. En nieuwe woorden leren, zoals homoboer en fraudemoeder. Het is niet groot en groots, maar zeg niet dat er niets gebeurt.

In China gebeurt veel. Heel veel. Te veel. Maar het moet nog veel beter. Dat is de inzet van president Xi Jingping. Hij wel met de ‘Chinese droom’ laten zien dat China prima produkten kan maken. En als vlaggenschip komt de Hongqi L7 (‘De Rode Vlag’) uit het museum. Deze Chinese tank op vier wielen was onder Mao de luxe automobiel voor de Chinese partijtop en hoge buitenlandse gasten.

Maar wat de Hongqi was, is nu vooral de Audi. Alle Chinese bobo’s laten zich vervoeren in topauto’s van Westerse makelij. En dat moest maar eens afgelopen zijn, vindt Jingping. En dat is big business voor China dat jaarlijks 16 miljard (!) uitgeeft aan een enorm wagenpark voor een enorm bureaucratisch leger aan partijkader.

Dat wordt dus eigen auto eerst in China. Want hoe kun je nu roepen dat Chinese spullen prima zijn als al je partijbonzen vrolijk in Duitse auto’s door het land tuffen? Ook een leuke puls voor de eigen industrie en de Chinese handelsbalans. Misschien ook een leuke tip voor ons kabinet? Want waren wij niet de Chinezen van het Westen? Nou dan.