Het persoonlijke politiek

Samsom.gezin

Guillaume Zarka. Ik kende hem niet. Maar nu wel, dankzij de Telegraaf. Want in de grootste krant van Nederland mag deze Parijse zakenman de lakens even terugslaan over de korte relatie die hij had met Sylvie Meis, ook wel bekend als Sylvie van der Vaart.

De puissant rijke patser patst hoe hij Sylvie binnen twee minuten in bed kreeg, maar vooral over hoe leeg en triest ze is, niets kan en niets wil. Wij smullen er danig van, dank. Net als van haar Raffie van der Vaart die het inmiddels doet met de ex van zijn ex-collega Khalid Bhoularouz. Geruchten over een zwangerschap van de nieuwe vlam van Van der Vaart (de ex-vriendin van Sylvie, om het intiem te houden) werden weersproken. ‘Maar we werken er hard aan’, was de geruststellende en erg beeldende mededeling.

Zo. Dan bent u even bij. Verbaasd bent u natuurlijk niet dat al dat gedoe en gehannes tig websites siert. We smullen ons suf van het relatieleed van derden. Hoe meer ziekte en ellende, hoe leuker, zeker voor de media zelf. En medelijden hebben we niet. Het leven van onze sterren – hoe matig ze ook schijnen – is openbaar kunstbezit.

Voor politici ligt dat anders. Of lag dat anders. Ruud Lubbers had altijd wel een stewardess in de bezemkast, maar dat werd als politiek irrelevant beschouwd, en dus werd er niet over geschreven. Wie herinnert zich niet de woedende Wouter Bos die zelfs naar de rechter stapte om privacy voor hem en zijn gezin te eisen?

Vorig jaar gooide Diederik Samsom zijn gezin in de verkiezingsstrijd. Het leek erg Amerikaans – dictators zijn er ook deel op, by the way – en het leek vooral bedoeld om de voormalig Greenpeace-activist als betrouwbare hoeksteenpoliticus te positioneren. Een pak en een das erbij, en Samsom was niet meer de onderscheiden van zijn beroepsgenoten. En: kassa.

Maar nu backfired deze ideale echtgenootstrategie nu Samsom het volk wereldkundig heeft gemaakt van zijn scheiding en hoe triest dat allemaal is. Daar ga je dan. Eerst je gezin in de schijnwerpers gooien om je eigen geloofwaardigheid op te krikken en nu ligt je gezin overal op straat en mogen je kinderen uitleggen dat je echt niks met je voorlichtster hebt.

Samsom maakte het persoonlijke politiek, zijn kinderen tot zijn inspirerende drijfveren. Tsja. Het lijkt mij een grote persoonlijke inschattingsfout om je gezin in te zetten voor eigen gewin. Dat maakt je niet geloofwaardiger, maar juist een politicus die alles lijkt te doen om de gunst van de kiezer te winnen. Bij de stembus vorig jaar slaagde hij nog. En omdat hij toen een grote inschattingsfout maakte, ligt nu ook zijn scheiding op straat. Pijnlijk, inderdaad.

Hele dure schoenen

Silvie en Raffie doen heel erg hun best, Ali B. doet nu zelfs ook mee, en dan is er nog een Nikkie Plessen die ik nog niet kende, maar hoe iedereen ook jankt en z’n best doet, niemand haalt het bij Bram M. Daar gaan we nog heel lang lol aan beleven.

Deze week vlogen de olifanten weer eens door de porseleinkast. In de in de media uitgevochten burgeroorlog tussen de advocaten van Estelle Cruyff (Nico Meijering, de huidige, en Bram Moskowicz, de vorige), kwamen declaraties van Moskowicz naar buiten, en de beschuldiging dat hij zijn rol als advocaat en tv-persoonlijkheid niet goed kan scheiden.

Dat laatste leek me geen nieuws, die declaraties zijn smullen. Voor afspraken met zijn ex-client Estelle Cruyff – op zijn verzoek in het Amstel Hotel – bracht haar voormalig raadsheer € 125 per kwartier reistijd in rekening tot een totaalbedrag van € 1.500. Voor niet-ingewijden: de Moskowicz-burelen zijn echt maar drie steenworpen verwijderd van het Amstel. En het is ook niet chique om zelf een plaats te kiezen en dan je cliënt te laten betalen om er te komen. Minnetjes.

Ach ja, Bram Moskowicz, het zou bijna treurniswekkend zijn als de man niet zelf als een pyromaan telkens zijn eigen branden stichtte. Wat iedereen gemakshalve steeds vergeet is dat ‘de beroemdste strafpleiter van Nederland’ zelden of nooit een zaak van enige importantie heeft gewonnen, als hij ze al zelf deed. Raadsman-charlatan.

Nu lijkt Moskowicz ook zijn eigen zaak te verliezen en eerloos uit het vak gegooid te worden. Natuurlijk is dat de schuld van de deken, van zijn jaloerse collega’s en van de media die slechts deugen als ze zijn kant kiezen en zijn ijdelheid een camera en een scherm bieden.

Hein de Kort maakte er vandaag in Het Parool weer een prachtige cartoon over. De rechter vraagt Moskowicz waarom hij van die hoge reiskosten declareert terwijl het toch maar drie minuten lopen is. Het antwoord van Moszkowicz is hilarisch: “ik heb hele dure schoenen.” En het zijn hele sterke benen die in die hele dure schoenen passen en iets van weelde en waarde kunnen dragen. Het is nog wel even wachten op het eindsignaal.

Oase van drukte

De kans dat je Geert Wilders er tegenkomt, is tamelijk gering. Maar de voormalige hippiestad Marrakesh is nu helemaal in bij de beroemden en de rijken. Wij waren er rond oud en nieuw, samen met de halve selectie van FC Barcelona en met de familie Sarkozy en tal van andere prominenten, zo vertelden de Marokkaanse media trots.

Het zal rond 1970 zijn dat Crosby, Stills & Nash hun geest er verruimden en het nummer Marrakesh Express opnamen: ‘Take the train from Casablanca going south, blowing smoke rings from the corners of my mouth, coloured cottons hang in the air, charming cobras in the square, striped djellebas we can wear at home…’

In de reisgidsen kom je Jimi Hendrix tegen die er de nodige pretsigaretten weggeblazen zal hebben. Nu is het minder hasjiesj maar goede wijn, officieel verboden voor moslims, maar in de betere restaurants en onder menige toonbank volop verkrijgbaar. En zo lijkt heel Marokko een beetje te balanceren tussen wat mag en niet mag, tussen wat was en is, tussen wat moet en wat kan, tussen arm en rijk, gisteren en morgen.

Het was een bijzondere ervaring, en het permanente zicht op de sneeuwbedekte Atlasbergen is heel bijzonder, net als de verkeerschaos die geen genade kent voor de de trage, de niet oplettende, en al helemaal niet voor voetgangers. De bijna prehistorische brommers stinken, toeteren, en rijden je plat als het moet. Marakkesh is een oase van drukte.

Intussen rolde Nederland een jaar op en ontrolde zich na een ‘relatief rustige oudejaarsnacht’ het nieuwe jaar. In de stapel kranten bij thuiskomst vond ik het interview met Cees Veerman waar ik ook al de nodige reacties op had gezien. Ik moest het even lezen. Heel bijzonder hoe een lid van de Raad van Toezicht van VUMC het niet nodig vindt om in de communicatietornado rond het verborgen camaraproject van Reinout O. überhaupt TV te kijken. “Ik heb geen verstand van realitytelevisie.”

Alles glijdt als smeervet van Veerman af. Je wordt gewoon boos van zo’n interview. De zelfingenomenheid tot de hoogste macht. Braakwerk. Veel meer jammer natuurlijk voor Raffie en Sylvie, hoewel Evert Santegoeds het altijd al wist. Zou je zo iemand ergens kunnen aangeven? Anders moet dat een goed voornemen zijn. En bijzonder: Frank de Boer schiet in eigen doel bij de nieuwjaarswedstrijd van oud-internationals bij de Koninklijke HFC. Een teken?

Lange neus

Het mag op zijn zachtst gezegd wonderlijk heten. Willem Holleeder als gast van Twan Huys’ College Tour. De meest notoire Nederlandse crimineel krijgt van de NTR een podium. Dat kan er ook nog wel bij. Holleeder heeft een column in de Revu, komt op de radio, gaat rappen met Lange Frans, en gaat graag met een brede armzwaai met een ieder op de foto. Je zou bijna vergeten dat Holleeder de helft van zijn volwassen leven in de gevangenis heeft gezeten. En niet voor zweetvoeten.

Het is een trend, boeven en boefjesmaten die de liggrage media als wipplank, glijbord en witwascentrale gebruiken en misbruiken voor hun eigen gewin, hun reputatie, en hun rehabilitatie. Bram Moszkowicz begrijpt allang dat je je als vervolgd advocaat beter bij Albert Verlinde dan bij de Deken van je eigen beroepsgroep kunt verdedigen.

Holleeder is een slimme boef, en hij werkt gestaag aan een beeld van zijn nieuwe bestaan. Het bestaan van ontvoerder, afperser en wat al niet nog meer, wordt weggepoetst en ingeruild voor het beeld van de jongen-van-hiernaast, de vrolijke en vriendelijke Jordanees met een smetje, maar met een hart van goud. Bracht hij niet pas een portemonnee die hij vond naar het politiebureau? Nou dan.

En hoe gaat dat dan volgende week? Dan komt Holleeder op en dan klinkt er een groot applaus? Het zou me niet verbazen. Maar dan zijn we natuurlijk wel een grens voorbij. Natuurlijk mag een boef een nieuw leven beginnen. Maar deze is pas net vrij, en heeft nog niet bewezen iets anders en beters te zijn dan hij vrijwel zijn hele leven was, een crimineel. En als hij al een stap zou hebben gemaakt, dan nodig je hem daar niet voor uit, je nodigt het fenomeen uit en vraagt hem naar zijn verleden. Of niet?

Want wat vraagt Huys volgende week? Heb jij Endstra laten vermoorden? Krijg je een kick van geweld? Voor hoeveel moorden heb je eigenlijk opdracht gegeven? Had je nooit last van je geweten toen Heineken en Doderer zo lang zaten opgesloten? En wordt er dan ook doorgevraagd? En wordt voor de kijkers daar en thuis dan nog wel even duidelijk in perspectief geplaatst wat voor crimineel deze Holleeder dus is? Ik hou mijn hart vast.

De makers van College Tour claimen nobele motieven, het zou gek zijn als ze iets anders zouden beweren. Maar is het eigenlijk wel zo? Vergeet het maar. Er is de heilige jacht op kijkcijfers, er is sensatiezucht en de altijd opspelende ijdelheid. Kun je zeggen dat je Holleeder in je programma had. “Zo, gaaf man.” De hitsige media vervagen zo steeds meer grenzen die juist helderheid moeten scheppen over goed en fout, over talent en onkunde (zie alle RTL-formats met zogenaamde toptalenten en ander ongerief), over kennis en opzoekvaardigheden, over echt en nep.

Bas Heijne schreef voor NRC de mooie column ‘Slechte mensen.’ Volgens Heijne zijn de media mediageil en daarmee de handlangende dragers van andermans boodschap. Moszkowicz bestaat bij die serviele gratie, en Holleeder is een goede leerling. Het is niet voor niets dat beiden elkaar kennen, en de een voor de ander werkte. Brothers in arms. En Holleeder? Die trekt een lange neus. Herman Kuiphof zou zeggen:”Zijn we er toch ingetuind.” Inderdaad. Met open ogen.