iJobs

JobsApple

Films over helden zijn zelden om aan te zien. Ze worden meestal gemaakt door fans die het kritisch vermogen missen om de held in al zijn – ook moeilijker – gedaantes te laten zien. Dus wat krijg je dan? Een saai opgelepelde autobiografie waarin de held de held speelt. Saai. En dat schijnt Jobs over Steve Jobs dus ook te zijn.

Jobs is Apple, en Apple is een geloof, en Steve Jobs was – en is ook nog na zijn dood – de profeet, de ziener, de heilige held, en profeten laat je in hun waarde. En daarbij komt: over de doden niets dan goeds. Nou, dan weet je wel wat voor film Jobs is.

Jobs blijft Jobs, maar Apple is wat minder Apple dan het was. Het zal niet voor niets zijn dat de top van het wereldmerk reikhalzend uitkeek naar de film over hun grote voorganger. Er was vast de hoop dat een succesvolle film het merk en de beurswaarde van Apple een flinke swing konden geven. Maar helaas: de film is aan alle kanten gekraakt.

Het is natuurlijk ook een rare contradictie. Het übercoole en innovatieve Apple en dan zo’n saaie mainstreamfilm over de grote baas en ziener en zelfverklaard profeet, dat haakt niet, dat raakt niet, en dat doet – helaas – dus ook geen recht aan iJobs. Verering is niet alleen eng en verstikkend, maar ook enorm contraproductief, en Appleonwaardig.

The New York Times was ongenadig. ‘Het zou Jobs tot waanzin hebben gedreven dat de nieuwe film over zijn leven de sexappeal van een poewerpointpresentatie heeft.’ Boem. The end.

Aai Amsterdam

Lijstjes, lijstjes, lijstjes. Vooral mannen zijn er dol op. Lijstjes geven overzicht en houvast. En voor marketeers geven lijstjes handvatten voor hun campagnes en de markten die moeten worden afgestruind. Zoals voor Amsterdam 2013, het jubeljaar van 400 jaar grachten en alles wat een x-aantal-jaren bestaat.

Amsterdam is terug van weggeweest. Alles was dicht en dood en lag open, en nu is het elan er weer, is het Stedelijk Museum weer op, is het Rijks Museum bijna open, een vernieuwd Van Gogh, en iedereen jubelt dat het een lieve lust is, van Artis-de-Partis tot het Koninklijk Concertgebouworkest.

En is het nu push or pull? Staat Amsterdam nu zo hoog op allerlei lijstjes omdat we zo ons best doen, of kunnen we lekker aan de weg timmeren omdat we het zo goed op lijstjes zoals die van Lonely Planet waar Amsterdam tot één van de hipste steden voor 2013 wordt geduid.

The New York Times slachtte eerst het vernieuwde Stedelijk, maar nu scoort Amsterdam waanzinnig in de recente lijst The 46 Places to Go in 2013. Amsterdam staat 6e op die lijst, maar zin en onzin van al die rankings lijken me evident, en wat vergelijk je nu eigenlijk?

Rio staat bovenal, vooral omdat je er in 2014 niet moet zijn omdat iedereen er dan is. En Amsterdam komt ook no Marseille, Nicaragua, Accra en Bhutan. Appels, peren, bananen en kiwi’s, vergelijkt u maar.

Professor Akkermans wist al wat belangrijk was: “Mijn naam wordt genoemd.” Dat telt. Iamsterdam. Amsterdam 2013. 400 Jaar Grachten. Wie z’n stad serieus verkoopt, gelooft in lijstjes. Lijstjes sell. Amsterdam vaart wel bij het stijgende toerisme. De helft van het stadsinkomen komt al uit buitenlandse handen. En dan hebben we die 1,3 miljard Chinezen nog niet op de thee gehad. Aai Amsterdam…