Ten Years After

US  Marines arrive to help Iraqi civilians destroy a statue of Saddam Hussein

Terwijl Noord-Korea de spieren nog eens oppompt, kijkt de wereld met heftige en volstrekt diametrale gevoelens terug op de Amerikaanse inval in Irak tien jaar geleden. Wat voor de een een logische, en volkomen rechtvaardige afrekening was met een fout en gevaarlijk regime, was voor de ander een schandalige inval zonder wettelijke basis en slechts gericht op het eigen economische belang.

Irak is een zwarate bladzijde in het Amerikaanse buitenlandse beleid, zoals er daarvoor ook al de nodige waren geschreven, en ik ben bang dat Irak ook niet de laatste pagina is. Zeker, Obama is geen Bush, maar ook Obama is een Amerikaan die te maken heeft met de vital interests van de V.S.

Irak was geen fijn land, en weinigen rouwen om de dood van Saddam Hoessein, maar de Amerikanen hebben van Irak een zo mogelijk nog grotere puinhoop gemaakt dan het al was, and they don’t give a shit. Wat een bliksemactie moest worden, werd een pijnlijke bezetting, een uitholling van het bestuur, en de facto een burgeroorlog die nog steeds voort woedt. Niet iets om over naar huis te schrijven.

Toch kun je voormalig vice-president Dick Cheney zo zijn bed uit bellen om de aanval nog een keer over te doen. Ik heb gefascineerd gekeken naar de documentaire The World According to Dick Cheney, en die wereld is overzichtelijk, rechtlijnig, keihard, en zonder scrupules of excuses. Cheney was de genius achter de aanval en de inval, en kon met alles wegkomen omdat de angst na 9/11 groot was, hij fantastisch kon manipuleren, en Bush geen idee had waar het over ging of waar het heen moest.

De interviewer vraagt Cheney wat zijn grootste fout is. Cheney komt niet verder dat zijn grootste fout dan maar is dat hij nooit nadenkt over zijn grootste fout, ook nu niet, Ten Years After. En Ten Years After is ook een Britse rockband, recent overleed hun front man Alvin Lee, en als of het voor het Irakdrama was geschreven, twee van hun hits waren I’m Going Home en I’d Love to Change The World.

Bommen en granaten

Boeken. van de Volkskrant is een wekelijks genot. De bijlage is vol lees- en kijkingangen groot en klein, en voor een boekverslinder zoals ik verplichte literatuur. De bijlage van afgelopen zaterdag was de regel die de regel bevestigt; je blijft lezen.

Na recent bezoek boeide me het grote artikel Voorheen koning der armen over de ‘kleptocraat’ koning Mohammed VI van Marokko mij zeer. En er is de boekenkast van, overigens volgens mij ooit eerder en beter bedacht door mijn voormalig collega Erwin. En dan de recensies natuurlijk, de columns, en de tekening van Stefan Verwey.

In de marge van Boeken. mag ik graag kijken naar de wat weggestopte rubriek Omslag waarin coverontwerpen van nieuwe boeken kritisch of ademloos worden bezien en becommentarieerd. Deze week de omslag van Strijd! polemiek en conflict in de Nederlandse letteren, een bundel voor de in Leiden afscheid nemende hoogleraar moderne letterkunde Jaap Goedegebuure.

De omslag toont de strijd van het spel Stratego dat heel af en toe hier ook nog uit de kast komt, en dat ik als kind zo vaak speelde. Het spel van bommen, mineurs, een maarschalk en een spion, en de te veroveren vlag. Stratego was veel meer dan een spel met poppetjes en rangen, je kon er in je hoofd ware veldslagen mee voeren.

Sander Pinkse gebruikte een oude versie van Stratego voor zijn fraaie ontwerp van Strijd! Het originele spel vermoedde ik Brits, Duits of Frans, maar het is bedacht door een landgenoot, de Joodse onderduiker Jacques Johan Mogendorff. Hij overleefde de oorlog en Bergen-Belsen, en na zijn terugkeer werd zijn spel een hit.

Stratego is een eerlijk oorlogsspel: beide legers zijn even groot en sterk, en er vallen geen doden, de militairen verdwijnen gewoon stilletjes van het bord, outranked. Het komt aan op list en een goed geheugen, en hoeveel manschappen je ook verliest, als je het vijandelijke vaandel verovert, dan win je. Binnenkort toch maar weer een keertje spelen.

Papieren oorlog

De Falkland Islands. We zouden ze waarschijnlijk niet kennen als Britten en Argentijnen er geen oorlog om hadden gevoerd. En zonder die oorlog zouden die kale, koude, natte en heel veraf gelegen eilandengroep ons ook helemaal niet interesseren. Maar dertig jaar na de Falklandoorlog staan de eilanden weer op de voorpagina. Ik hoor de eerste trommelslagen van een nieuwe strijd al in de verte.

Wij kennen de eilanden als de Falkland Eilanden, en daar zit voor de Argentijnen nu net het probleem. Voor hen zijn het de Malvinas, en dat de Britse Union Jack er nog wappert is een grote schande en een historische vergissing. Voor ons zou het misschien een beetje voelen als de Waddeneilanden die al twee eeuwen Chileens zijn.

In 1982 joeg een Britse oorlogsvloot in goed twee maanden de Argentijnen van de Falklands af. Het maakte Margaret Thatcher ongekend populair, en de Britten hadden na de sombere jaren ’70 eindelijk weer iets te vieren. Ze hadden die Argentijnen een lesje geleerd dat hen nog lang zou heugen. Nou, dat heugen heeft precies 30 jaar geduurd.

Afgelopen week zette de Argentijnse presidente Cristina Kirchner de zaak opnieuw op scherp door in in een ingezonden artikel in The Guardian. De Britten moesten nu toch eindelijk de eilanden eens overdragen aan de Argentijnen. De Britten reageerden als door de bekende adder gestoken. Het was niet aan de Argentijnen maar aan de Falklanders zelf om te beslissen bij wie ze willen horen.

De Britse krant The Sun betaalde terug met een advertentie in de Engelstalige Buenos Aires Herald. De boodschap was simpel: ‘hands off!’ Maar of die grote mond het op langere termijn gaat redden, is zeer de vraag. Zouden de Britten echt opnieuw duizenden mijlen naar het Zuiden opstomen om de Argentijnen bij een nieuwe inval opnieuw te lijf te gaan? Ik denk dat de Argentijnen gokken van niet.

In maart is er een referendum op de Falklands. Voor Kirchner en David Cameron zal dat de lakmoesproef zijn voor hun beleid. De naar schatting 2,841 Falklanders mogen het zeggen. Maar wat nu als hun antwoord Buenos Aires of Londen niet bevalt? Voorlopig is het een papieren oorlog. Maar er komt een grimmig kwartaal aan rond de Falklands/Malvinas.