Het Syndroom van Asperges

Boer2Werkgeversvoorman Hans de Boer staat niet bekend om zijn fijntongigheid. In de Volkskrant maakte hij werklozen uit voor een stelletje labbekakken, een raar archaïsch woord dat zoveel als suf, bangerd of slapjanus moet betekenen. Volgens De Boer zit iedereen maar op z’n luie reet en zouden ook hogeropgeleiden best asperges kunnen steken in het zonnetje met de radio lekker aan.

De Boer lijdt aan het Syndroom van Asperges. Belangrijke verschijnselen zijn een gebrek aan sociale of emotionele wederkerigheid, een overheersende preoccupatie en het inflexibel vasthouden aan niet-functionele rituelen. Een andere bekende patiënt was de toenmalig minister van financiën Ruding die riep dat werklozen er zich met een Jantje van Leiden afmaakten en liever bij Tante Truus bleven zitten.

Lekker beuken op de bijstanders. Die De Boer is niet vies van een vette uitspraak, een stevige rel en een gestrekte middelvinger. Van hem mag het hele sociale akkoord de mestvaalt op. Maar zelf banen creëren voor die labbekakken? Of de beloofde banen voor arbeidsongeschikten? Het gaat er niet van komen. Zo is ook deze heupschieterij van De Boer weer het inflexibel vasthouden aan niet-functionele rituelen. Typisch het Syndroom van Asperges.

En intussen groeit in Nederland de kloof tussen de 0-contracters en de topmannen. De baas van Shell verdient € 20 miljoen. Dat is marktconform, zo schijnt het. Een zich rot racende pakjesbezorger komt met de nodige overuren aan 0,1% ervan. Nooit een echte vaste baan, nooit een hypotheek, nooit een bonus. Daar hoor ik die labbekak van De Boer niet over. Amerikaanse toestanden, zegt u? Welnee. Nederlandse toestanden. Het nieuwe poldermodel. Wie arm is, heeft dat aan zichzelf te wijten. Rutte vindt het ook. Asperges genoeg om te steken. En de Boer hij beledigde voort…

Terugbelfactor

Lijstjes. Lijstjes. Lijstjes. Altijd maar weer lijstjes. En daar dan weer een lijstje over. Lijstjes duiden, bieden een schijnzekerheid van kennis en overzicht, ze inspireren of irriteren, en geef nu toe: wie maakt er nu niet af en toe een lijstje? Van die muziek die echt mee moet naar een onbewoond eiland, de mooiste films ooit, of de mooiste bestemmingen die bezocht zijn of nog moeten.

Lijstjes. Dit weekend was het weer feest. Twee lijstjes op de werktafel. Nou, zeg maar lijsten. Opzij kwam met een Top 100, ‘De Grote Lijst van Machtige Vrouwen.’ En de Volkskrant, baas boven bazinnen, met de ‘Top 200 van invloedrijkste Nederlanders 2012.’

Lijstjes. Je kijkt toch altijd even. Zouden die en die er opstaan? En wie mis je? En als je naar de Top 10 of zo kijkt, kun je je daar dan iets bij voorstellen? Ik kan me in ieder geval iets voorstellen bij de lijst van Opzij. Want in de lijst van de Volkskrant staat in de Top 10 geen enkele vrouw. De eerste op de lijst daar is Kasja Ollongren op nummer 14, maar dat is dan weer de rechterhand van Mark Rutte, toch een beetje de vrouw van, hoe machtig of invloedrijk zij ook is.

En machtig, wat is dat? Machtig interessant, zeker, maar vrijwel iedereen met macht zal altijd zeggen dat hij of zij geen macht heeft, maar invloed. Dus je bent niet de machtigste man of vrouw, maar de meest invloedrijke. Volgens de Volkskrant wordt een steeds belangrijkere maatstaf voor invloed ‘maatschappelijk gezag’, en dat vertaalt zich in de ‘terugbelfacator’, ofwle wie bel je meteen terug, als hij of zij jouw tenminste belt..

De meest invloedrijke die jou volgens de Volkskrant kan bellen is Bernard Wientjes, voorzitter van VNO-NCW. Volgens Opzij is Renée Jones-Bos de onbetwiste nummer 1, secreataris-generaal bij Buitenlandse Zaken en voormallig ambassadeur te Washington.

Jammer dat zij geen ambassadeur meer was toen wij recent op de ambassade in D.C. waren. Daar kregen we een kleurloos praatje van een kleurloos heer die hoogstens hoog zou scoren in het lijstje ‘geparachuteerd in 50 tinten dodelijk saai grijs.’ Zo kun je van alles en iedereen een lijstje maken. Best wel leuk.