Hoe ouder, hoe beter

zoghel

In de aanloop naar de WK-kwalificatiewedstrijd tegen Roemenië, portretteerde Het Parool gisteren de vier keepers die in de race zijn voor een plek onder de Oranjelat. Onder Louis van Gaal – de vader van God, volgens Uli Hoeness – kan ook een keeper niet meer rekenen op een vaste plaats. Terwijl ik altijd leerde dat dit nodig was voor zelfvertrouwen.

Maar onder Van Gaal regeert de voor een despoot zo kenmerkende willekeur. Niemand is zeker van zijn plaats, behalve hij. En dus mogen Krul, Stekelenburg, Vermeer en Vorm – de volgorde is alfabetisch, en dus ook willekeurig – in kwartetvorm het uitvechten. Het was Stekelenburg, toen Krul, toen Vorm, en toen Stekelenburg dacht het weer te hebben verdiend, kwam het in het straatje van Vermeer. Tsja.

Ik denk dat Stekelenburg de beste keeper is van het kwartet. En als het ook door Het Parool aangehaalde en door mij warm ondersteunde gezegde hoe ouder, hoe beter waar is, dan moet Stekelenburg onder de lat. Hij wordt later dit jaar 31, Krul moet nog 24 worden. En Stekelenburg is ook nog eens de langste, met Krul als goede lange tweede.

Maar Stekelenburg weet hoe de voetbalwereld in elkaar steekt. Ooit werd hij bij Ajax door Van Basten verbannen naar de bank, bij AS Roma gebeurde hetzelfde, en op Van Gaal hoeft niemand te rekenen, behalve Louis zelf. Vanavond dus – als Louis meewerkt – Vermeer weer onder de lat, de keeper waar iedereen een smetje aan vindt zitten, en die – hoe goed hij ook keept – ook weer voor zijn plaats moet vrezen. Dat knaagt. Een keepr moet keeper. Vertrouwen. Wedstrijdritme. Wij keepers kennen dat wel.

Over oude keepers en ballen die voorbij gaan: we schrijven 1969 of 1970 en staand, tweede van links, Go Ahead-goalie Nico van Zoghel. De boomlange doelman zat dicht tegen het Nederlands elftal aan, maar speelde nooit, hij had Jan van Beveren voor zich en die kreeg vaste voorrang, en terecht, de goalie van Sparta en PSV was veruit de beste van zijn tijd. Zo kan het dus ook gaan. Van Gaal of geen Van Gaal.

Goodbye, Craven Cottage

Hoe ouder, hoe beter, dat geldt zeker voor keepers. Maar Maarten Stekelenburg lijkt de uitzondering te zijn die die keepersregel bevestigd. Na zijn heldenrol op het WK 2010 is het met zijn transfer van Ajax naar AS Roma eigenlijk alleen maar bergafwaarts gegaan. In Rome op de bank, en niet meer de eerste doelman van Oranje. Het gaat niet goed met Stekelenburg. En dat steekt.

Gisteren leek er een einde te komen aan het grote wak in de carrière van Stekelenburg. Op de laatste dag van de wintertransferperiode was er licht en lucht in Londen, en misschien ook wel in Liverpool. Het Fulham van Martin Jol, maar vooral het Fulham van Mohamed Al-Fayed, en anders het ooit grote en roemruchte Liverpool zouden de lange Haarlemmer wil willen huren of kopen.

Een privé-jet – er gaat best wat geld om in het moderne voetbal – bracht Stekelenburg van Rome naar Londen, maar on arrival liep alles al mis. AS Roma liet weten geen vervanger voor Stekelenburg meer te kunnen vinden, en verordonneerde de Nederlandse goalie terug naar de eeuwige stad. Geen Craven Cottage, geen Anfield Road, maar weer bankzitter in Stadio Olimpico.

Huilbuien. Het kan niet anders. De gesloten, wat stoicijns ogende Stekelenburg moet er gisteren behoorlijk doorheen hebben gezeten. Maar waar was het mis gegaan? Niet gisteren in Londen, denk ik, maar al veel eerder. Dik twee jaar geleden was Stekelenburg wereldtop, en werd hij telkens weer in verband gebracht met Manchester United. Maar hij maakte net als zijn voorganger Edwin van der Sar de fout door te kiezen voor Italië. Van der Sar ging jankend en op zijn knieën weg uit Turijn naar  Fulham, hetzelfde pad dat Stekelenburg nu leek te gaan.

Ongeduld, verleiding, opportuniteit, aflopende contracten, publieke druk, zaakwaarnemers, het spel is lastig, zeker als je alleen maar wilt keepen en een aanbieding krijgt die je natuurlijk niet kunt laten lopen. Maar met al het geld op je spaarbankboekje ben je toch maar een radertje in een veel grotere voetbalgeldmachine, en zit je dood te gaan op de bank, je toch nog goed herinnerend hoe goed je was, en vol onbegrip over een trainer die je niet opstelt en een club die je niet laat gaan.

Hoe ouder, hoe beter, en dat geldt gelukkig ook voor Maarten Stekelenburg. Deze zomer een goede stap zetten, en hij kan nog jaren mee met dat lange lijf, die enorme handen, en die stoicijnse blik. Engeland leek mij altijd ideaal voor een keeper, waar anders zou je onder de lat gaan staan als je de keuze had? Vorm bij Swansea, Krul bij Newcastle, en straks Stekelenburg bij Fulham, Liverpool of toch dan eindelijk Manchester United? Maarten Stekelenburg heeft weer een doel nodig. Dat beseft hij nu als geen ander.