Het oproer kraait

samsom2Het leek wel alsof iedereen de verkiezingsramp van de PvdA aan zag komen, behalve de PvdA zelf. Daar was men geobsedeerd door de eigen navel. De campagne van de PvdA was een groots succes, zo klonk het steeds, ook nog na de electorale dreun. Het zegt veel, zo niet alles over de staat van de PvdA.

De campagne was Amerikaans. Alsof dat garant zou staan voor succes. De campagne was ook ongekend in omvang. Nog nooit waren zoveel handen geschud en burgers voorzien van roos en rolletje pepermunt, de spiegels en kralen van een moderne campagne.

Mijn tenen kromden akelig toen ik Pieter Hilhorst op een markt – daar komen we graag –  het nog eenmaal uitlegde aan een oudere mevrouw: “PvdA. Sterk en sociaal. Niet vergeten hoor.” That sums it up, zouden de Britten zeggen. De leegte van een zinnetje. Een mantra als verkiezingsleus. Dol op jezelf. Het kon alleen maar fout gaan.

Het ging fout. Het was een dreun. Alle rode bolwerken stortten ineen. Amsterdam viel. Rotterdam, viel. Den Haag viel. Utrecht viel. Maar de PvdA had een prima campagne gevoerd, zo enthousiast en massaal. Het beleid was ook best goed. Alleen de kiezers begrepen het nog niet. Zoiets.

Die hoogmoed kwam dus voor de val. Maar partijleider Diederik Samsom hield nog lang voet bij stuk. Totdat lokale bazen vielen en het gedecimeerde partijkader in den lande begon te morren. Inmiddels kraait het oproer alom.

Samsom moet op zoek naar een nieuwe lente en een nieuw geluid. Misschien iets minder campagne, minder gelijk, minder kabinetskoers, en iets meer ouderwetse bevlogenheid, inlevingsvermogen en een rood kloppend hart. Is dat nog op voorraad?