Wortel in de vuist

Jetta-Klijnsma-621x328Van Mark Rutte moesten we een nieuwe auto kopen. Goed voor de economie. Zelf rijdt hij nog steeds in zijn prehistorische Saab. Van staatssecretaris Jetta Klijnsma (zelfde kabinet, andere partij) moeten we een huis kopen. Want als het huis is afbetaald, kun je prima van je AOW leven, en heb je geen last van je pechpensioen.

Het is wat, die goedbedoelende politici. Leuk dat een sociaal-democrate mensen met pensioenproblemen aanraadt dan maar een huis te kopen. Het is er ook echt de tijd naar. Maar Klijnsma is nog veel creatiever. Zij kent ook mensen die een moestuin hebben. Dat levert veel groente en fruit op. Dus wie een pensioengat of -ravijn vermoedt of heeft: neem een moestuin.

Klijnsma schijnt slim te zijn. Zij is ook een soort sociaal geweten in de PvdA. Maar ergens gaat het dan mis. Dan komt de losgezongen lariekoek. Dan komen we met een moestuin. Sla je slag. Het is dit soort onbenul dat sociale media doet ontploffen en sociaal-democraten voor de zoveelste keer achter de oren doet krabben. In plaats van een roos nu een wortel in de vuist. Het kan verkeren.

Nee, dan Laurens Ivens, kakelverse wethouder te Amsterdam. Van de SP. De partij die de moestuin al lang in het logo heeft. Vroeger een balletje op jacht naar geld, maar inmiddels genezen, en hij levert zelfs salaris in. Ik dacht dat wethouder te Mokum niet zo slecht betaalde, maar bij de ANWB van Van Woerkom verdiende Ivens kennelijk (nog) meer.

Net als die moestuin zal Ivens ook niet precies bedoeld hebben wat hij zei in Het Parool gisteren over Emile Roemer en zijn werk als fractiemedewerker in de Tweede Kamer: “Ik schreef zijn teksten, hij sprak ze netjes uit, dat ging goed.” Nou, zo’n jongen komt er dus wel. Wethouder Wonen. Leeft met vriendin op 50m2 in de Indische Buurt. Nou, dan ben je van het goed tomatenhout gesneden. Vanaf heden te bewonderen in de Stopera.

Hemelvaart is een beetje niks

HemelvaartsdagHet is bijna twintig eeuwen her dat Jezus ten hemel voer nadat hij door de kinderen van God niet heel erg netjes was behandeld. De vader-zoon-relatie staat sindsdien op scherp, en vanuit de hemelen hebben we sinds die eerste Hemelvaartsdag nooit meer iets vernomen.

NRC Q noemde Hemelvaart ‘een beetje niks’. Elke feestdag of vrije periode in ons land heeft wel zijn eigen kenmerken en gedrag, maar bij Hemelvaart is het (nog) niks. Een slaperige dag, zonder braderie en hoempapa, voor de een het begin van een kwartet vrije dagen, voor de mokkende ander een dagje vrij en morgen weer buffelen.

Op zo’n niksdag is een rondje langs de mediavelden altijd een stil genot. Nog even over Kieft en coke, over de kuit van Raffie, de verontwaardiging van Estelle, de adonis van Fleur Agema, de te vroeg dood verklaarde Henny Huisman, en de weer herrezen Waylon. Noem dat alles bijeen maar een beetje niks.

Een beetje niks is het in de Amsterdamse politiek. Daar wil maar geen witte rook uit de Stoperaschoorsteen komen voor een nieuw college. Dit gehannes lijkt inmiddels ook al twintig eeuwen te duren en kent vooralsnog slechts verliezers. En slechts zij die in een vlaag van verstandsverbijstering dachten dat VVD en SP best samen kunnen regeren, lijken nu gelijk te krijgen.

D66-hoofdman Jan Paternotte heeft nog enkele dagen om een coalitie in elkaar te draaien. Daarna wacht hem de ontzegging van de formatiebevoegdheid en sterft de landslide van D66 in Amsterdam in alles behalve schoonheid. Het is dus een beetje niks dag, maar voor sommigen is het nu alles of niks.

Zeven dagen lang

bots

Een aardig stukje van Han Lips in Het Parool attendeerde mij op een uitzending van Het Uur van de Wolf die ik had gemist over de Eindhovense popformatie Bots die in de jaren ’70 furore maakte met een bijzondere mix van aantrekkelijke muziek, gezelligheid en geëngageerde teksten die resoneerden tot achter de Berlijnse Muur in de DDR.

Bots was het vehikel van en voor zanger, gitarist en componist en tekstschrijver Hans Sanders die de Brabantse band tot grote hoogte stuwde in een tijd dat het nog wel degelijk uitmaakte waar je stond, toen er klassen waren, kapitalisme dat bevochten moest en machten die bezworen moesten worden.

‘De een bezingt het leed, ik bezing de oorzaak’, liet Sanders optekenen in de Haagse Post. En de oorzaak was het kapitalisme waarvan de arbeider nog moest worden bevrijd. Bots was net de SP met muziek erbij. Het geluid sloeg ook in Duitsland aan, en op de vleugels van de vredesbeweging daar bleek Sanders ook in het Duits geloofwaardig over te komen.

Bots is uit mijn jeugd, de tijd dat je links moest zijn – nadenken kon later wel – en ik vond de lyriek van Sanders prachtig, van het klassieke kameraaddrinklied Zeven dagen lang tot het sombere Menens. Eind jaren ’70 studeerde ik blauwe maandagen op de Erasmus Universiteit. De opening van het studiejaar werd opgeluisterd door het toen hippe Gruppo Sportivo. De aula was te klein. Toen Bots twee nummers had gezongen, was de aula veel te groot. Waarschijnlijk was ik het enige rechtenstudentje dat bleef zitten bij Kom socialisten trek ten strijde.

Loon van de angst

Er was nogal wat ophef over de documentaire ‘Emile Roemer – tussen pieken en peilen’ waarin Coen Verbraak Emile Roemer volgt tijdens de voor hem funest verlopen verkiezingscampagne in de nazomer. Van virtueel 37 zetels landde Roemer met zijn SP op 15, precies het aantal dat hij al had.

De documentaire van Verbraak wordt aangekondigd als een ‘uniek kijkje in de keuken van de SP-campagne.’ Dat is zwaar overdreven. Over de campagne en het hoe en wat van de keuzes die worden gemaakt, komt nauwelijks iets over. Verbraak mocht overal bij zijn, dus heeft hij niets boeiends kunnen filmen, of was er nog een secundair traject achter de camera om? .

Roemer voelde zich in de campagne onheus bejegend, dom aangevallen, en hij vond dat zijn oprechtheid werd afgestraft. Maar ergens in het begin klinkt terloops het dodelijke zinnetje ‘geen fouten maken.’ En dat lijkt me de grootste fout die Roemer met zijn team maakte. In plaats van de aanval koos Roemer voor aanpassen, hij wilde zo graag overkomen als potentieel premier dat hij daarmee zichzelf verloor. En daar werd hij braaf bij ‘geholpen’ door dezelfde media die hem eerst virtueel de hemel in hadden geprezen.

Wat Verbraak vooral laat zien is een ongelooflijk saaie man. Het shot thuis met vrouwlief op de bank na gesloopt te zijn bij DWDD was alleszeggend. Hij nam een slok van zijn biertje, en zei het alleszeggende ‘tsja.’ Daar zat niet de nieuwe premier. Daar zat iemand die veel overkwam, maar die vergat terug te vechten. Nooit gingen de handschoenen uit en werd er teruggemept. Iedereen keek ernaar, knikte vriendelijk, en zag Roemer verder wegzakken in het moeras der negatieve peilingen.

Op de verkiezingsavond zien we Roemer en Jan Marijnissen in Scheveningen samen wachten op de voorlopige uitslag. Roemer houdt het dan nog op 20 zetels, Marijnissen op 23. De 15 die het om 21.00 uur (b)lijken te zijn, is een moker in het gezicht van Roemer. Maar hij reageert niet. Slaat het meubilair niet stuk. Wurgt zijn campagneteam niet. Hij is verdoofd.

Roemer zit vol ongeloof te kijken naar een TV, wachtend op correctie van het onheilbeeld. He never knew what hit him. Vlak daarna geeft hij – als verliezer – zijn beste speech uit de hele campagne. Toen was de fout al gemaakt, en mochten de handschoenen af. Geen fouten maken. Niet aanvallen, maar pareren. Het loon van de angst. Jammer dat Verbraak er niet bij was toen de strategische keuze werd gemaakt bij de SP.