Een gaaf land

Op het Binnenhof loopt een verwarde man die maar blijft verkondigen dat Nederland ‘een waanzinnig gaaf land’ is. Hij rept over een nieuwe bestuurscultuur – hij heeft daar ideeën voor -,  over transparantie, macht en tegenmacht en meer van wat je zou willen dat een premier zou prioriteren.

Helaas is ons land niet zo gaaf. En is die verwarde man premier, demissionair, in afwachting tot hij geroepen wordt voor zijn vierde visieloze missie waar hij – hem kennende – ook weer kneiterveel zin in heeft.

Helaas schiet het proces van coalitievorming niet op. We wachten in dit gave land al zes maanden tot een stel kleuters in de zandbak een beetje met elkaar overweg en spelen kan. Het zestal heeft geen begin van besef hoe schadelijk hun kluitjesvoetbal, gespeelde constructiviteit en permanente afkeer de democratie grote schade toebrengt. Als het hen al niet interesseert, wat moeten wij dan?

Dit is geen gaaf land, en het wordt er niet beter op. Het is een supermarkt met heel veel over datum. De toeslagenaffaire, de Groninger verzakking, de uitholling van justitie, de groeiende tweedeling, een astronomisch tekort aan daken boven hoofden, zorgen over de zorg, ons onderwijs en een in dubbel opzicht verpest klimaat. Het is een treurig laagland.

In een gaaf land worden geen journalisten in elkaar geslagen of met de dood bedreigd. In een gaaf land worden mensen met een spandoek Auschwitz open for blacks opgepakt en vervolgd in plaats van doorverwezen naar het Malieveld. In een gaaf land mag je in je studentenflat een regenboogvlag ophangen, in een gaaf land heb je een kamer in zo’n studentenflat of zicht op een huis dat je kunt betalen.

Dat ligt er allemaal te doen en te bevechten. Ik zou zeggen: ga eens wat doen, missionair, minderheid, een partij of 8, zoek het uit, en als het niet lukt dan citeer ik graag de premier over wat hij zou moeten doen: ‘pleur op.’

Het ei van Eerdmans

De instorting van Afghanistan en de overname door de Taliban is een ramp voor een geplaagd en geteisterd land en een humanitaire ramp van enorme omvang. Op veilige afstand van Kabul voel je de angst door je scherm heen.

Inmiddels is Nederland aan het doen wat het zo goed kan: bagatelliseren, klein maken, vertragen, jij-bakken, de uitzondering tot regel bombarderen, te laat optreden en de facto geen moer geven om wat er gebeurt.

In de rij nare paljassen won Joost Eerdmans op punten van andere minachters van leed zoals mevrouw Broekers-Knol, imposant in leegheid. Eerdmans vertelt het allemaal wat netter dan Wilders en is minder in de war dan Thierry. Maar vergis u niet. Eerdmans is ook van ‘hier trekken we de streep’ en ‘het zal toch niet gebeuren dat.’

Eerdmans gaf plat aan hoe hij ‘in de wedstrijd zit.’ “Het kan natuurlijk niet zo zijn dat iedereen die wel eens een ei heeft gebakken voor de Nederlanders hier nu opeens welkom is.” Wat is dat laag, lelijk en minnetjes. Zo gaat Nederland dus om met bondgenoten, vrienden en werknemers. Zeker als ze als uit landen komen waar wij het niet zo op hebben.

Eerdmans is de go-getter, de recht-door-zeeër, niet lullen maar poetsen. Beschaafd onbeschoft en inmiddels toe aan zijn zoveelste partij. Loyaliteit kun je hem niet verwijten.

Ga je schamen, Joost, als je weet hoe dat moet.

Blijven barbecueën

Vijf maanden geleden waren er verkiezingen. Een kabinet is nog niet in zicht. Lang ging het over het liegen van Rutte, de heersende bestuurscultuur en over macht en tegenmacht, een soort groepstherapie zonder helder doel en inmiddels vervaagd in een lang reces.

Maandag komen Rutte en Kaag met een paar A4-tjes bij  Mariëtte Hamer op de koffie. Deze houtkoolschetsen van een nieuw kabinet zullen opnieuw helder maken dat er weinig gemeenschappelijks te bedenken is, en dat in een tijd waarin geschreeuwd wordt om optreden in plaats van aftreden.

De wereld staat in brand, maar de vierkante kilometer Binnenhof is in verbouwing en diepe rust met zichzelf bezig, loerend, wie-met-wie, en wachtend op een kans om mee te regeren, want dat lijkt het grootste doel. Sommigen mogen het geruststellend vinden dat er blijkbaar niet acuut een missionair kabinet nodig is, anderen vinden het verontrustend dat het niemand deert dat er geen kabinet is met drive en ambitie om de grote problemen die iedereen raken het hoofd te bieden.

Maar ja, wat wil je met een premier die vindt dat we niet moeten doorslaan met het klimaat, want ‘we moeten lekker kunnen blijven barbecueën.’ Hoe durf je. Zoveel leeghoofdig onbenul, doortrapte slechtheid, zoveel achterbannetje bedienen, wat een kleingeestigheid en wat een vreselijke gedachte dat dit denken opnieuw leidend wordt in een nieuw kabinet, zo dat er de komende maanden toch nog een keertje komt.

A greater good

In een land hier niet zo ver vandaan, sprekend Nederland, was er een grote gezondheidscrisis en dreigde er een economische ramp. Er moest een nationaal noodplan komen, dondert niet met wie en wat het moet kosten.

Die drang en ambitie zijn verdwenen. De economie herstelt zich al, corona is op de vlucht voor Hugo de Jonge, en het Binnenhof kan weer gaan doen wat het Binnenhof doet: staren in de eigen navel en het eigen belang voorrang geven op ‘a greater good.’

Zo was er een premier die een leugenaar bleek, melaats verklaard door iedereen, maar inmiddels weer helemaal opgepoetst om verder te regeren. Met wie, is nog even de vraag.

Die premier en Sigrid Kaag, high ridin’ hoofdrolspeelster in een gordeldrama over een documentaire, gaan nu in alle rust wat houtkoolschetsen zetten voor iets wat misschien zou kunnen lijken op een praatstuk voor een coalitie. Misschien ligt er ergens in augustus iets. U ziet, de ambitie is wat neerwaarts bijgesteld.

Wat een gotspe. De kiezer krijgt de schuld van een gespleten kamer en de politieke partijen zitten als kleuters bij de zandbak bijeen anderen de schuld te geven of toxic te verklaren. Ik wil wel, maar niet met jou. Intussen is het CDA geraakt door een bermbom en zijn de stemverhoudingen van maart op drift.

Maar niks ‘greater good’, niks nieuwe bestuurscultuur, niks macht en tegenmacht, niks nieuwe wind. Het is weer klein, minnetjes, eigenbelang, zoiets als Sywert, maar dan op een nog veel grotere schaal. Fijne vakantie!

 

foto: de Volkskrant

Ook op het ijs is het ieder voor zich

Niet het ijs, maar de politicus is glad. Gaan schaatsen waar het van jezelf niet mag. Incalculeren dat je wordt ‘gepakt’, maar dat risico neem je want hoe fout ook, je bent wel lekker twee dagen in het nieuws. En dat sorry, ach ja, het was stom, had ik niet moeten doen, u kent de uitgeslepen zinnetjes wel.

In verkiezingst(r)ijd komt het slechtste en banaalste boven. Voor een handvol stemmen prevelt elke lijsstrekker iets over het belang van de zorg, doet desgewenst een handstand en vertelt maar al te graag over thuis lekker koken. Over politiek, over inhoud, over plannen gaat het niet. We hebben geen idee en fijn dat u er niet naar vraagt.

Het spel is simpel. Volgens Rutte maken we allemaal fouten en dan zeg je sorry – en dan hoppa weer verder. Nog een rondje Thialf, nog een loze belofte over Groningen en het gas, en intussen kijken we in de onmetelijke afgrond van de toeslagenaffaire en valt bloot hoe ons land met nietjes en duct tape aan elkaar hangt.

We kiezen straks massaal voor Rutte, terwijl hij de eerste is die weg moet, chef chaos, de visieloze tweecomponentenlijm. Het virus verraadt hoe hij en velen met hem omsprongen met vitale sectoren in ons land. VerMARKt Nederland. De uitverkoop van een sociale samenleving.

Ieder voor zich. Ook op het ijs.

De geur van rot

Zelden werd de staat van Nederland zo haarfijn gefileerd als in Buitenhof zondag. In gesprekken met Marcel Levi, Neelie Smit-Kroes, Renske Leijten en Pieter Omtzigt kwam de geur van rot uit de tv in een onthutsende inkijk in de wereld van de boven ons geplaatsten.

De bureaucratie en de overspannen verwachtingen en altijd weer gebroken beloften over pandemie en vaccinatie. De chaos op Schiphol. De CEO van een miljardenbedrijf werd een ‘burgemeestertje’ die er ook niets aan kon doen. Het was volgens Dick Benschop lastig en eigen verantwoordelijkheid. Klein maken, bagatelliseren, afschuiven.

Hoe ziek een land is, wordt bepaald door R-factor en IC-bedden, maar ook door het de ellende injagen van landgenoten. De rapporttitel ‘Ongekend onrecht’ van de commissie Van Dam is alleszeggend. De geur van rot walmt uit deze toeslagenaffaire waar politici, ambtenaren, rechters en Raad van State mensen kapot hebben gemaakt.

De geur van rot, machtsmisbruik, intimidatie, discriminatie, wegkijken en weglakken, het achterhouden van stukken, liegen en bedriegen, intimidatie en samenzweren.

Vandaag komt het kabinet bijeen om het eigen voortbestaan te bespreken. Kijken of er nog politiek fatsoen is om het enig juiste te doen. Iets als eigen verantwoordelijkheid..

De mestvaalt der geschiedenis

Steeds vaker werd hij een Maffiabaas genoemd. De oranje Mussolini. De afkeer van hem in de VS was zo groot dat er een recordopkomst kwam om de zelfverklaard beste president aller tijden richting de uitgang te schoppen.

Lang leek Joe Biden de volstrekt ongeschikte uitdager, een zwaktebod en compromis van de Democraten die geen idee hadden hoe ze de zo verfoeide Trump op de knieën moesten krijgen. Maar Sleepy Joe, volgens Trump de zwakste presidentskandidaat ooit, deed een wonder en won the public vote met zo’n 4 miljoen stemmen.

Na een rondje golf zal Trump nu ergens aan het decomposteren zijn, gekwetst in zijn oversized ego, zinnend op wraak en zijn comeback. We gaan het zien. Voor het moment is de hopeloos verdeelde VS in ieder geval verlost van een nare, narcistische en racistische bully die voor de gezondheid van het land snel naar de mestvaalt van de geschiedenis moet.

De olifant die het uitzicht belemmert

Mark Rutte is vandaag 10 jaar premier, maar het lijkt me niet het moment om dat groots te vieren. Daarnaast zijn we – vermoedelijk – nog lang niet van hem af, dus die taart komt nog wel een keer. Hij lijkt zo kleurloos en ongrijpbaar en ideologisch maagdelijk, maar het is opvallend hoe populair hij nu na een decennium (nog) is.

Er zit weinig sleet op de tefal, hij is handig en behendig, doet zijn vak als eerste onder zijn gelijken gewoon goed, en waar hij glijdt of blundert, is er altijd wel een besmuikte sorry of een vette lach die alles dooft. Hij is een soort tienkamper, hij kan veel dingen heel aardig, zonder heel veel zweet en uitsloverij. Hij is liberaal, maar geen scherpslijper. Hij verkoopt al het tafelzilver aan de markt, maar gaat net zo graag weer met andere partijen pogen het nodige terug te kopen.

‘Visie is als de olifant die het uitzicht belemmert,’ zo zei hij ooit. Verwacht van Rutte dus geen vergezichten, het heden is al lastig genoeg en grote woorden slaan zo terug in je gezicht. Aanpakken, doorpakken, inpakken. Strak in het pak, de hand veegt nog even door het haar, en laatste blik op zijn mini-gsm, en hij kan er weer uren tegen in de Kamer en aan het eind denkt iedereen: hij deed het prima, maar waar ging het eigenlijk over?

Rutte heeft het gehad met ons

De aanvoerder van Vak K. trekt het niet meer. ‘Hou je bek’ schimpte Mark Rutte richting Feyenoord-supporters die zich in de Kuip niet aan de zwijgplicht hadden gehouden.

Mark Rutte heeft het wel gehad met ons. Hij heeft het streng geprobeerd, aardig, begripvol en dreigend, maar het volk wil niet luisteren. Lange Frans, Doutzen Kroes en andere intelligentsia maken zijn leven nog zuurder en ‘doen niet meer mee’, tenzij zij of naasten ziek zijn, dan staan ze te piepen in de rij om voorrang.

Rutte zei gisteren precies wat hij vond en voelde. Zijn onderdanen zijn ondankbaar, dom en niet voor rede vatbaar. En daarbij heeft hij het probleem der geloofwaardigheid van zichzelf en van zijn schoenenreus Hugo de Jonge waar het eerdere elan snel aan het verdampen is. Geloofwaardig en doortastend beleid is ver te zoeken, en de verkiezingen werpen hun negatieve schaduwen vooruit.

De harde maatregelen die Rutte nu niet wil nemen, slaan straks als een boemerang op hem terug. Dat kan hem zijn volgende premierschap kosten. En de dagen van Hugo de Jonge lijken geteld. Hij heeft nu een half jaar de tijd gehad om testen en tracking in snelheid op orde te krijgen. Dus tot hem zou ik willen zeggen: ‘hou je bek, en ga leveren wat je de hele tijd belooft.’

Weerzien met 1981

Een film blijft die film, maar je verandert zelf. Dat merkte ik toen ik deze week na 39 jaar weer naar ‘Blow Out’ ging. Ik zag de film ooit toen ik in Rotterdam woonde en na een geflipte rechtenstudie zoekende was naar wat ik zou willen en kunnen. Dat kwam best goed, maar in 1981 was ik daar niet zo zeker van.

Ik vond het een moeilijke tijd in een grijze stad. Film werd mijn uitgenoot en ‘Blow Out’ zal ik gezien hebben in Lumière, de bioscoop waar Lijnbaan en Kruiskade kruisten. Terug naar huis betekende de woeste wereld van de West-Kruiskade en de smalle straten achter de Heemraadssingel, al een eind op weg naar Sparta.

John Travolta was maar vier jaar ouder dan ik, maar hij had zijn carrière een stuk beter op gang. Na ‘Saturday Night Fever’ en ‘Grease’ speelde hij de hoofdrol in de thriller ‘Blow Out’ van toen tovenaar Brian de Palma. De film ‘jat’ het thema en titel van ‘Blow Up’ van Antognioni en verwijst – ltterlijk ook inde film zelf – naar de Zapruder-film van de moord op Kennedy.

Travolta is een geluidsman die een moordaanslag op presidentskandidaat McRyan op tape krijgt. De auto van McRyan vliegt het water in (een verwijzing naar Chappaquiddick en Edward Kennedy), Travolta redt een vrouw uit de auto en dan ontrolt zich een kat-en-muis-spel dat ook 39 jaar later niet goed afloopt.