De zomer van 1823

Hoe Nederland er twee eeuwen geleden uit zag, wordt mooi beschreven door de student Jacob van Lennep (hij heeft in Amsterdam een straat en een kade aan zijn naam) die met zijn vriend Dirk van Hogendorp in de zomer van 1823 door Nederland trok, een leeg land, een optelsom van akkers, bossen, rivieren en wildernis.

Er is geen auto, er rijdt geen trein, er vliegt geen vliegtuig. De mens is voor verplaatsing aangewezen op zichzelf, op beurtschippers en postkoetsen. Van Groningen naar Den Haag kost je vijf dagen. Maar de meeste mensen maken dit soort reizen niet. Nooit. Het volgende dorp is de verste horizon in een mensenleven. De kennis van de wereld is miniem. Het standsverschil is groot. De stuiver wordt nooit een dubbeltje.

Dat is Nederland twee eeuwen terug. In 1823 is Nederland in verval en diepe slaap, met weinig hoop op beter. Maar over zestien jaar rijdt de eerste trein en wordt ons land plots opengebroken en worden al die stukjes land onomkeerbaar één.

Wie terugverlangt naar vroeger, lees dit alleraardigste reisverslag van Van Lennep, haal je gelijk ook je geografie op, en door Van Lennep tekenen je hersens een land dat we nooit hebben gekend, Nederland anno 1823, het land van deimten, roeden, gemeten, voeten en jullands, want zo namen we toen het land de maat.

Do The Right Thing

 

Fascinerend dat een film van 31 jaar oud nog zo akelig actueel kan zijn. Dat zegt veel over de kwaliteiten en het scherpe oog van regisseur Spike Lee en zijn ‘Do The Right Thing’ uit 1989.

Dit is absoluut het moment en de gelegenheid om de geprezen en omstreden film nogmaals of alsnog te gaan zien. Wat toen speelde, speelt drie decennia later in grootformaat. Racisme, haat, afgunst, intolerantie, vooroordelen, geweld, het is allemaal opmaat voor de grande finale van Lee’s film.

In Bedford-Stuyvesant in Brooklyn loopt op een snikhete zomerdag dat vat van onverdraagzaamheid langzaam maar niet te stoppen over. Spike Lee kiest geen partij en duwt je geen boodschap of visie door de strot: see for yourself.

Pikant detail: in de film wordt Donald J. Trump genoemd, toen al niet razend populair bij hen die het maar niet beter gaat. Oscar voor de beste naam in een film moet gaan naar Sweet Dick Willie. ‘Fight The Power’ van Public Enemy is een niet mis te verstane track.

De cast van de film is so-wie-so smullen: Danny Aiello (helaas vorig jaar overleden), John Torturro (de bowler in ‘Big Lebowski’), een nog jonge Samuel L. Jackson als local DJ, John Savage (‘The Deer Hunter’) en Spike Lee zelf als pizza delivery boy.
Do The Right Thing en gaat dit meesterwerkje zien.

De blanke maat der dingen

We zijn wel erg content met ons land, we overschatten onszelf en denken dat we gastvrij, open, tolerant en geïnteresseerd in anderen zijn. Think again.

We zijn nog steeds de nurkse, achterdochtige boeren en kleinburgers die de mensen in het volgende dorp al niet vertrouwden, laat staan het volk dat van verder kwam. Geloof, slecht weer, altijd wind tegen, mislukte oogsten en zure zuinigheid maken ons wie we zijn. Minder prettig dan we denken.

Wij Hollanders zijn de blanke maat der dingen. Racisme is een vreselijke balk, maar wij zien slechts een enkele splinter. Dit kabinet Rutte-zoveel is het beste slechte bewijs: slegs vir blankies.

We staren ons blind op in brons gegoten zeehelden en ingehuurde vuilbekken zoals Johan Derksen, maar zo zien we het grotere verhaal niet. Als we niet onder ogen willen zien wie we werkelijk zijn, dan verandert er nooit wat. Van de politiek hoeven we het niet te hebben. Etnisch profileren is een gezwel. Musea onderschrijven alle inclusie en kleuren, maar de top is witter dan wit.

Onbedoeld is Johan Derksen c.s. misschien wel de beste aanjager om nu eens korte metten te maken met ons waanidee over de egalitaire, faire en veelkleurige samenleving. I have a dream..

Land Of Hope And Glory

Ze werd geboren toen het Engelse leger in de Belgische en Franse loopgraven vocht tegen de Duitsers, recent indrukwekkend verfilmd als ‘1917’ door Sam Mendes. Vera Margaret Lynn was inmiddels al zo oud dat elke Brit dacht dat zij onsterfelijk was, maar helaas. Zij overleed deze week, 103 jaar oud.

Een groot deel van haar leven was Vera Lynn al een levende legende, de ongekroonde koningen van het Britse Rijk en’ the forces sweetheart’, het liefje van de Tommy’s door haar in de donkere dagen van de Tweede Wereldoorlog zo opbeurende en nu wereldberoemde ‘We’ll Meet Again.’

Vera Lynn was naast Churchill een baken van hoop voor de bedreigde Britten. Ik associeerde haar altijd met ‘Land Of Hope And Glory’, het pompeuze patriottische en inmiddels nostalgische anthem over dat wereldrijk dat elke Brit in zijn slaap nog zingt.

Met Vera Lynn teerde heel Engeland bij gebrek aan beter graag op het verleden, toen in het Britse Rijk de zon nooit onderging en iedereen zijn plek kende in de strikte hiërarchie met stiff upper lips die ons later Monty Python bracht.

Stockholmtrauma

De moord op de Zweedse statsminister Olaf Palme bleef 34 jaar een raadsel, vooral door geknoei van de politie. De waarschijnlijke dader Stig Engström bood zich diverse malen bijna aan, maar door zijn tegenstrijdige verklaringen werd hij juist als onbetrouwbare getuige in plaats van dader gezien. Voer voor completdenkers.

Met zoveel politioneel geknoei verbaast het dat er nu zoveel Zweedse politieseries te Netflixen zijn. In mijn jongensjaren smulde ik van de boeken van het schrijversechtpaar Sjöwall en Wallöö en hun eigenzinnige en kritische kijk op de Zweedse maatschappij en de politie waar veel mis was, een soort voorbodes op het Palme-drama.

Engström zou premier Palme – de Zweedse Joop den Uyl – op 28 februari 1986 op straat in Stockholm in de rug hebben geschoten. Hij bleef dus echter altijd uit beeld, en pleegde in 2000 zelfmoord.

Bij een rechtszaak nu zou Engström niet veroordeeld worden. Daarvoor ontbreekt na al die jaren teveel hard bewijs. Had men hem toen in 1986 direct doorzien, dan was Zweden een langdurig trauma bespaard.

American Psycho

American Psycho. Het schokkende boek van Bret Easton Ellis is president geworden. Donald J. Trump. Fake president. Zijn voormalig defensieminister Mattis verwoordde het gisteren pijnlijk treffend: ‘Donald Trump is de eerste president die ik heb meegemaakt die niet probeert het Amerikaanse volk te verenigen of zelfs maar doet alsof. Integendeel, hij probeert ons uiteen te spelen.’

Voor een photo opp met een bijbel die hij nooit leest liet hij bij zijn eigen achtertuin vreedzame demonstranten beschieten, in elkaar slaan en bestoken met traangas. Deze American Psycho doet alles om herkozen te worden. Hij dreigde zelfs met het leger. Maar dat slaat nu terug in zijn gezicht.

De geesten zijn uit de flessen. Van Minneapolis is het protest sneller dan Trump kan tweeten overgeslagen naar alle 50 al lang niet meer Verenigde Staten en naar Toronto, Parijs en Amsterdam, hoewel het in onze hoofdstad wel erg veel en lang gaat over appende bestuurders in plaats van het racisme dat maar niet uit wil doven.

George Floyd is dood. Minneapolis’ finest zullen wel lang achter de tralies komen. Maar het is op zijn best een noodzakelijke eerste stap op de lange weg die we samen moeten gaan naar gelijkheid, gelijkwaardigheid en gerechtigheid. All are welcome staat er op het kerkbord achter Trump. Hij was ziende blind. Hoe symbolisch.

Inpakkunst

Inpakkunst. Het is een raar woord. Maar het is precies wat de in Bulgarije geboren landschapskunstenaar Christo – voluit Christo Vladimirov Javacheff – de afgelopen 60 jaar maakte. Inpakkunst. En op groot formaat.

Christo overleed vorige week, 84 jaar oud, ruim 10 jaar na de dood van zijn geliefde en kunstpartner Jeanne-Claude Denat de Guillebon. Hij de kunstenaar, zij de manager. Altijd samen.

En was het wel kunst die inpakkunst? De vraag hield mij niet lang bezig. Christo kon net zo goed als de soepblikken van Warhol of het roestige metaal van Serra. Bring it on, dacht ik als jonge student die gefascineerd was geraakt door (de afgebeelde) Valley Curtain in Colorado.

Met stof tijdelijk aankleden (mooi..) maakte Christo fascinerende bouwwerken van Pont Neuf in Parijs, de Rijksdag in Berlijn en ‘zijn’ Central Park in New York. Benieuwd of zijn kist vorige week mooi was aangekleed voor het eeuwige.

Gaarkeukens van grofheid

Mijn goede vriend Arjen verwoordde het treffend: “Ik was net tien minuten op twitter en ga nu eerst mijn handen maar eens goed wassen.” Social media zijn precies niet wat ze claimen. Het zijn gaarkeukens van onfatsoen, grofheid en verregaande vorm van belediging, intimidatie en het verspreiden van fake news en virussen van domdenken.

Over mijn bericht over de cover van The New York Times over de bijna 100.000 coronadoden in de VS kreeg ik reacties als dat zo’n aantal toch niks voorstelt en dat er veel meer mensen aan longkanker doodgaan. Pardon?

Social media zijn geen gezellige platforms maar rioolbuizen vol kwalijk riekende uitwerpselen. Het werd zelfs twitter nu te gek. Het gaf aan bij enkele tweets van Trump aan dat deze ‘ongefundeerd’ zijn. Dat is een nette formulering voor hitserij en het dwarsbomen van eerlijke verkiezingen.

Ik vind het leuk om naar uilen in een vensterbank of jonge pinguïns te kijken. Ik heb minder met vakantiefoto’s maar lees graag welke muziek ik toch echt niet mag missen of hoe een column van Diederik Ebbinge over Youp van ’t Hek veel leuker is dan de columns van Van ’t Hek zelf.

Ik vind dat allemaal wel grappig, maar ik ben geloof ik grenzeloos naïef of wens iets wat er niet komt: echte social media, gezellig. met ergens ver weg en deep down een afwerkplek voor gekkies die alle complotten in de wereld niet meer trekken.

 

Wachten op Godot

“Houd de moed erin!” Dat zei minister Van Engelshoven na een werkbezoek aan Nationale Opera & Ballet, Amsterdam Sinfonietta en het Holland Festival die haar duidelijk maakten dat je niet alles maar kunt opvoeren door het klein te maken en dat de 1,5 meterregel en 30 of straks wellicht 100 bezoekers onrendabel en een enorm affront zijn. Het kan niet, het past niet.

Oh zeker, de minister heeft € 300 miljoen voor de ergste nood. Giro 555 voor verweesde cultuur. Amsterdam pulkt wat uit een noodfonds. Maar we wisten het al en kregen het bevestigd: kunst en cultuur hebben geen prioriteit. Acteur, danser, fluitist, het zijn geen essentiële beroepen.

Het is altijd hetzelfde. Als er crisis is, dan is het geld harder nodig in de harde economie dan in die softe cultuur. Brood voor spelen. En gaat het economisch top, dan moet de cultuursector ondernemend de markt op, want daar staan potten met goud.

De culturele sector blijft speelbal van overheden, met leuke plannen vol maatschappelijke relevantie voor potjes met geld en een ongewisse toekomst. We zijn geknecht en verslaafd. Daar moeten we vanaf. We moeten creatief het initiatief nemen. Van de overheid komt het niet. Dat is Wachten op Godot.

Als zieke vogels

 

Het is 117 jaar geleden dat Orville en Wilbur Wright hun eerste vlucht maakten. Bij Kitty Hawk in North Carolina bleven de broers met hun gemotoriseerde vliegtuig een klein stukje in de lucht, de eerste minuut van de luchtvaart.

Dezer dagen lijkt het wel alsof de Wright Brothers nooit hebben gevlogen. De hemel is blauw en vliegtuigleeg waar het nog niet zo lang geleden een hemels paradijs was voor een leger aan toestellen dat de hele wereld bevloog.

Nu staan vrijwel alle vliegtuigen als zieke vogels aan de grond, geïnfecteerd door een virus dat net zo wereldomspannend is als het vliegnetwerk. Hun toekomst hebben ze niet zelf in de hand, die wordt gedicteerd door het virus en door staten die zin en geld hebben om de wankele vogels te redden van a fatal crash.

Zoals het ging, kan het niet verder. De coronacrisis maakt dat alleen maar pijnlijk duidelijker. Willen we nog iets maken van deze planeet, dan zal de luchtvaartindustrie zichzelf her uit moeten vinden. Groener, schoner, duurzamer, minder megalomaan en financieel en fiscaal beschaafd.

Orville en Wilbur kunnen geen begin van voorstelling hebben gehad bij wat hun 53 seconden in de lucht zouden betekenen.