Het kwaad ligt op de loer

De nieuwe Zomergaste loopt zich al warm, maar ik moet het toch nog even over de vorige hebben, strafrechtadvocaat Inez Weski. Ik had de live-uitzending gemist en toen ik hoorde dat ze eigenlijk niets over zichzelf wilde vertellen, werd ik ook niet enthousiast om de uitzending alsnog te bezien.

Gelukkig heb ik dat wel gedaan. Zij was niet uitgenodigd om zichzelf binnenstebuiten te keren maar om ons haar favoriete tv-avond voor te schotelen en dat deed ze, en hoe, heftig bij grote vlagen. Van een Amerikaanse chain gang bij een Amerikaanse gevangenis naar een lawine bij goudzoekers in Alaska. Glorie en de lynching van Benito Mussolini. Gruwelijke executies van Joden door Duitse Einsatzgruppen en ‘gelukkig’ vastgelegd voor het proces van Neurenberg tegen Nazi-kopstukken waarover ik net het heftige en fascinerende ‘East West Street’ van Philippe Sands lees.

Het was achteraf goed dat ik dit niet achter elkaar als één uitzending zag. Nu kon ik tussendoor ademhalen. En tijd en geestelijke ruimte vinden om in de spiegel te kijken die zij voorhoudt. Hoe zij ziet dat grondrechten spielerei zijn geworden, dat de rule of law op de tocht staat en dat overheden geen natuurlijke bondgenoten van burgers zijn.  ‘Genocides zijn het refrein van de samenlevingen.’ Zwaar, pessimistisch, maar ook met scheuten hoop.

Inez Weski hield de spiegel goed vast en zichzelf buiten beeld. Tot het over de beeldhouwer Zadkine ging en de connectie er was met een Joods verleden in wat nu Wit-Rusland heet. Weski weet hoe gevaarlijk het is om alles over jezelf breed buiten te hangen. Het kwaad ligt op de loer.

Sorry Seems To Be The Hardest Word

Dit had de week van sorry kunnen worden. Maar Elton John wist het al: ‘Sorry Seems To Be The Hardest Word.’ Dus kwam er van de Nederlandse regering geen sorry voor onze rol in de slavernij. En dus kwam er geen sorry voor onze rol in Srebrenica.

Het kwam er dus niet van. Het kwam niet uit. Het ligt gevoelig. Het is nog te vers. Het is te oud. En anderen kunnen er aanstoot aan nemen, dat was zo ongeveer de verdedigingslinie van premier Rutte.

Dit had een historische week kunnen zijn. Zeker nu had een slavernijsorry zo gepast en treffend geweest. En in diezelfde week hadden we verantwoordelijkheid kunnen nemen voor onze rol bij de grootste genocide in Europa sinds de Tweede Wereldoorlog. Maar sorry, ook daar geen sorry.

‘Sorry Seems The Be The Hardest Word.’ Of: waarin een klein land klein kan zijn.

‘It’s sad, so sad..’

De zomer van 1823

Hoe Nederland er twee eeuwen geleden uit zag, wordt mooi beschreven door de student Jacob van Lennep (hij heeft in Amsterdam een straat en een kade aan zijn naam) die met zijn vriend Dirk van Hogendorp in de zomer van 1823 door Nederland trok, een leeg land, een optelsom van akkers, bossen, rivieren en wildernis.

Er is geen auto, er rijdt geen trein, er vliegt geen vliegtuig. De mens is voor verplaatsing aangewezen op zichzelf, op beurtschippers en postkoetsen. Van Groningen naar Den Haag kost je vijf dagen. Maar de meeste mensen maken dit soort reizen niet. Nooit. Het volgende dorp is de verste horizon in een mensenleven. De kennis van de wereld is miniem. Het standsverschil is groot. De stuiver wordt nooit een dubbeltje.

Dat is Nederland twee eeuwen terug. In 1823 is Nederland in verval en diepe slaap, met weinig hoop op beter. Maar over zestien jaar rijdt de eerste trein en wordt ons land plots opengebroken en worden al die stukjes land onomkeerbaar één.

Wie terugverlangt naar vroeger, lees dit alleraardigste reisverslag van Van Lennep, haal je gelijk ook je geografie op, en door Van Lennep tekenen je hersens een land dat we nooit hebben gekend, Nederland anno 1823, het land van deimten, roeden, gemeten, voeten en jullands, want zo namen we toen het land de maat.

Stockholmtrauma

De moord op de Zweedse statsminister Olaf Palme bleef 34 jaar een raadsel, vooral door geknoei van de politie. De waarschijnlijke dader Stig Engström bood zich diverse malen bijna aan, maar door zijn tegenstrijdige verklaringen werd hij juist als onbetrouwbare getuige in plaats van dader gezien. Voer voor completdenkers.

Met zoveel politioneel geknoei verbaast het dat er nu zoveel Zweedse politieseries te Netflixen zijn. In mijn jongensjaren smulde ik van de boeken van het schrijversechtpaar Sjöwall en Wallöö en hun eigenzinnige en kritische kijk op de Zweedse maatschappij en de politie waar veel mis was, een soort voorbodes op het Palme-drama.

Engström zou premier Palme – de Zweedse Joop den Uyl – op 28 februari 1986 op straat in Stockholm in de rug hebben geschoten. Hij bleef dus echter altijd uit beeld, en pleegde in 2000 zelfmoord.

Bij een rechtszaak nu zou Engström niet veroordeeld worden. Daarvoor ontbreekt na al die jaren teveel hard bewijs. Had men hem toen in 1986 direct doorzien, dan was Zweden een langdurig trauma bespaard.

Als zieke vogels

 

Het is 117 jaar geleden dat Orville en Wilbur Wright hun eerste vlucht maakten. Bij Kitty Hawk in North Carolina bleven de broers met hun gemotoriseerde vliegtuig een klein stukje in de lucht, de eerste minuut van de luchtvaart.

Dezer dagen lijkt het wel alsof de Wright Brothers nooit hebben gevlogen. De hemel is blauw en vliegtuigleeg waar het nog niet zo lang geleden een hemels paradijs was voor een leger aan toestellen dat de hele wereld bevloog.

Nu staan vrijwel alle vliegtuigen als zieke vogels aan de grond, geïnfecteerd door een virus dat net zo wereldomspannend is als het vliegnetwerk. Hun toekomst hebben ze niet zelf in de hand, die wordt gedicteerd door het virus en door staten die zin en geld hebben om de wankele vogels te redden van a fatal crash.

Zoals het ging, kan het niet verder. De coronacrisis maakt dat alleen maar pijnlijk duidelijker. Willen we nog iets maken van deze planeet, dan zal de luchtvaartindustrie zichzelf her uit moeten vinden. Groener, schoner, duurzamer, minder megalomaan en financieel en fiscaal beschaafd.

Orville en Wilbur kunnen geen begin van voorstelling hebben gehad bij wat hun 53 seconden in de lucht zouden betekenen.

De stem van de koning

Zondag zond de BBC ‘The King’s Speech’ uit, een fijne Britse feel-good movie over de stotterende koning George VI die zijn ketens verbreekt en zijn stem vindt.

Ik vond Willem-Alexander ook altijd maar een stotterende koning. En dan bedoel ik niet zijn pijnlijk verstotterde apologies in Indonesië, maar zijn ongemak en houterigheid waarmee hij steeds bevestigde wat velen dachten dat hij eigenlijk maar een beetje leeghoofdige flutkoning was.

Maar net als George Vi vond Willem-Alexander zijn stem, op een lege Dam, op een altijd beladen 4 mei. Opeens was daar een koning met een eigen stem, een eigen geluid, een eigen verhaal. Persoonlijk, helder, gedurfd en bijna anti-protocollair.

Kritisch naar zijn overgrootmoeder en helder formulerend hoe het kwaad als een virus wakkerde en hoe Sobibor begon in het Vondelpark met het bordje ‘niet voor Joden.’ Toen was ik weer een paar minuten stil…

Selma

Ze is 97. Geboren op 7 juni 1922 in het Wilhelmina Gasthuis in Amsterdam als Selma Velleman. Door een andere, niet-Joodse naam, een vervalst persoonsbewijs, geblondeerd haar en heel veel geluk overleefde Selma als Marga van der Kuit Ravensbrück en de Tweede Wereldoorlog.

Marga werd weer Selma en Velleman werd Van de Perre, en die Selma schreef na al die jaren het bijna-nuchtere, toegankelijke en misschien daarom ook zo ontroerende boek ‘Mijn naam is Selma.’

Selma neemt je mee naar het Joodse Amsterdam van voor de oorlog, de Duitse bezetting, de steeds verdergaande maatregelen tegen Joden, haar onderduiken en rol in het verzet, haar arrestatie en transport via Vught naar het vreselijke vrouwenkamp Ravenbrück bij Berlijn.

Lang vond ze het niet nodig om haar verhaal te schrijven; er was al zoveel geschreven, ze wilde rust, alle aandacht voor haar nieuwe leven nadat zij haar ouders, haar zusje en zoveel familie had verloren. Ze vond liefde, kreeg een kind, maar de nachtmerries en het verdriet bleven, tot de dag van vandaag.

DWDD gaf Selma van de Perre recent een hele uitzending, een monumentaal gebaar voor een bijzondere vrouw in bijzondere tijden die zo ongelooflijk sterk moet zijn dat ze veel van dat geluk dat haar in leven hield door haarzelf werd afgedwongen. Ik buig diep.

Het drama van München

Op 6 februari 1958, twee dagen voordat ik werd geboren, kwam vlucht 609 van British European Airways in München bij een derde poging ook niet los van de besneeuwde startbaan en verongelukte. Uiteindelijk zouden 23 van de 44 mensen aan boord het leven laten.

Het toestel van BEA was afkomstig uit Belgrado en onderweg naar Manchester en moest in München bijtanken. In het toestel spelers en staf van het grote Manchester United en journalisten die verslag hadden gedaan van de zege van de Mancunians op Rode Ster Belgrado in de toen nog prille Europa Cup.

In Manchester leeft deze ramp na 62 jaar nog immer voort. In het stadion Old Trafford hangt al sinds 1960 een frozen clock die altijd op 6 februari 1958 blijft staan. Het verlies in Manchester was dan ook groot. Maar liefst 8 jonge spelers van de talentvolle Busby Babes – genoemd naar manager Matt Busby – lieten het leven. Busby moest lang vechten voor zijn leven en het kostte hem daarna tien jaar om United weer op het niveau van voor de ramp te krijgen.

De ramp in München staat in een rij van legendarische voetbalvliegrampen, zoals die van AC Torino in 1949, de SLM-ramp met het Kleurrijk Elftal in Suriname in 1989, en het nationale elftal van Zambia in 1993.

Land of Hope and Sorry

Ik keek vanochtend een filmpje terug van de TED Talk van Yuval Noah Harari over waarom de mens de wereld regeert. Zijn verhaal is simpel: samenwerking. En dan vooral samenwerking op grote schaal.

Uiteraard denken de Britten daar heel anders over. Dat doen ze over alles, altijd. En dus kiezen de Britten niet langer voor samenwerking op grote schaal, maar een eigen kanaal om groots en meeslepend verder te kunnen leven.

Harari maakte het zo duidelijk. Chimpansees kunnen ook best samenwerken, maar slechts op een kleine schaal, en daarmee zijn ze kansloos tegen ons, Homo Sapiens.

Het heeft even geduurd, maar dan hebben we ook wat: een Brexit. Wat het tot nu toe – net voor de officiële scheiding – heeft opgeleverd, is een diep verdeeld land. Dat is niet handig als samenwerking je grote kracht moet zijn.

Britannia rules the waves. Das war einmal. Maar de Farage’s blijven het evangelie van een trotse toekomst toeteren. We gaan het zien. Of beter: zij gaan het zien. En voelen. Land of Hope and Sorry.

Mission impossible

1917 is het vierde jaar van de oorlog die de Grote Oorlog werd genoemd en pas nadat de Tweede er kwam de Eerste Wereldoorlog ging heten. Die Grote Oorlog was – in het Westen – grotendeels een loopgravenoorlog waarin miljoenen het leven lieten.

Regisseur Sam Mendes blijft in zijn film 2017 weg van de massaliteit en de grote slachtingen, en concentreert zich op twee soldaten die op een onmogelijke missie moeten door het grote niemandsland dat veel weg heeft van de vers gebombardeerde hel op aarde.

De film speelt in de oorlog, maar is toch vooral een verhaal over plicht, cameraderie, de geringe waarde van een mensenleven, en de alom aanwezige dood en verderf. In de promotie wordt juist heel veel nadruk gelegd op de knappe techniek en de suggestie dat de film in een enkele take is gedraaid. Het is inderdaad knap gemaakt, maar de menselijke waarde(n) spelen voor mij toch de hoofdrol.